in

The Pony Car

1964 12 Ford Mustang

Hey, Boomer!

Rond 1960 stond de VS aan de top. Het land was 15 jaar eerder ongeschonden als een supermacht uit de oorlog gekomen, had een bloeiende economie, een uitpuilende schatkist en produceerde een tijdlang ruim de helft van alle auto’s ter wereld. Het land was ook buitengewoon jeugdig: de helft van de Amerikanen was jonger dan 20 jaar! Geen wonder dat daar de popcultuur ontstond, rond de jukebox, de hamburgertent en de drive-in bioscoop. En niet veel later, zouden de ‘babyboomers’ de leeftijd bereiken waarop een inkomen, een woning, een vaste levenspartner en een gezin binnen bereik kwamen. En – op afbetaling – ook een auto.


De markt

Autofabrieken maken niet de auto’s die ze leuk vinden, maar waarvoor genoeg klanten te vinden zijn die bereid zijn een x-bedrag neer te tellen. Ford bouwde, net als General Motors en Chrysler, in die tijd keurige Amerikaanse gezinsauto’s die waren afgestemd op de wensen van de gemiddelde autokoper: groot, luxueus aangekleed, ruim, comfortabel. Onder de kap een krachtige benzineslurper. Maar niet jeugdig of sportief. En niet goedkoop genoeg om te kunnen worden gekocht en onderhouden door starters.

De Pony-Car

Lee Iacocca, de Ford-strateeg die onder Kennedy minister van Defensie was, de ‘menselijke computer’, doorzag hier kansen. Wat hij wilde was een auto die er sportief en jeugdig uitzag, met een avontuurlijk imago. Hij moest vooral heel betaalbaar zijn, zowel in de aanschaf als in het onderhoud. Ook de ontwikkelkosten moesten beperkt zijn, bij Ford waren ze het Edsel-debacle nog niet vergeten. Als voorbeeld werd gekeken naar de Jaguar E-type: een lange neus, een korte achtersteven, krachtig, jeugdig, mooi als een hinde. Ford bouwde al de Thunderbird. GM had de Corvette. Maar die waren te duur voor de doelgroep. Dat waren paarden. Geen Pony’s.

Op basis van de Ford Falcon, de toen goedkoopste Ford, werd in twee jaar tijd de Ford Mustang ontwikkeld. “Geslaagd ontwerp” is een understatement: het eindproduct was niet alleen prachtig, het was trendsettend. Anders dan de E-type waren er vier zitplaatsen, de achterbank was niet geweldig comfortabel, maar voor kinderen prima en dus voor de doelgroep uitstekend. Ten slotte wilde de jonge huisvader liever ook geen schoonfamilie meenemen op lange vakantiereizen.

In tegenstelling tot de Falcon kreeg de Mustang geen voorbank, maar fraaie met skai beklede bucketseats. Het dashboard werd uit de Falcon overgenomen, compleet met bandsnelheidsmeter. Dat scheelde geld. In de stuurwielnaaf werd de tekst ‘Falcon’ bedekt met een verchroomd sierstukje met de tekst ‘Mustang’.

Motorisch was er keuze uit een 2800cc zes-in-lijn en een 4300cc V8 – beide te koppelen aan een vierbak of drietraps automaat – technisch ook weer gelijk aan de Falcon. Voordeel: de fabriek, de distributeurs en de dealers hoefden geen aparte voorraden met onderdelen aan te leggen, alles was er al.

Ford Mustang Bj 1964 100 PS 6 Zylinder 33 l Hubraum Armaturen

Eigenlijk was die eerste Mustang dus een heel eenvoudige auto. Maar eenvoud is fraai. En eenvoud is kracht. De Falcon waarop hij zich baseerde zou ruim 30 jaar vrijwel ongewijzigd gemaakt worden in Zuid-Amerika. De simpele techniek maakte hem betrouwbaar en de garagerekening betaalbaar.

Filmdebuut

Om de nieuwe ‘Pony Car’ aan de man te brengen kreeg hij een rol in de nieuwste James Bondfilm ‘Goldfinger’. De eerste twee Bondfilms waren nog puur Britse producties (en stonden niet stijf van de reclame) maar voor de derde film werden Amerikaanse dollars, de kennis en kunde van MGM en de Amerikaanse regisseur Guy Hamilton ingeschakeld. Dat was niet alleen te merken aan het feit dat het verhaal deels in de VS speelde, maar het was ook duidelijk te zien aan de sponsoring: alle Amerikaanse auto’s in de film waren beschikbaar gesteld door Ford (er verdween zelfs een hele Lincoln in de schrootpers).

0c8146df109c9d19aec14bb82deac074

De opnamen begonnen in februari 1964 in Zwitserland, waar op de Furkapas een achtervolging werd gefilmd tussen Bond (met zijn legendarische Aston Martin DB5) en Jill Masterson in haar roomwitte Ford Mustang convertible. Bond rijdt haar deskundig en met behulp van een Ben Hur-achtige schurkenstreek de berm in, waarbij de Ford zwaar wordt beschadigd. Die ‘schade’ bestond uit trucage, want deze Mustang was een uniek exemplaar, handgebouwd in Dearborn, ruim een maand voordat er een serieproductie op gang kwam. Er mocht geen krasje op komen.

5f06d242d6d31c6237a12684657be71e

Toch was 007 Goldfinger niet de première van de Mustang! De Fordfabriek in Genk had een proefexemplaar geassembleerd in maart 1964 en stelde die beschikbaar aan Gerard Oury, voor zijn film ‘Le Gendarme de St. Tropez’. De ponycar van de toekomst, de sportieveling van Ford werd aan het grote publiek voorgesteld door Louis de Funès, want De Gendarme kwam enkele weken eerder in de bioscoop dan 007 / Goldfinger.

tumblr inline nmy1nctv4u1s2n70p 500 1

Presentatie

De officiële perspresentatie vond plaats tijdens de Wereldtentoonstelling van Seattle in juni 1964 en vanaf dat moment begon de Rouge-plant in Dearborn miljoenen Mustangs uit te spugen. Alle Mustangs kregen het modeljaar 1965 mee, maar de eerste exemplaren met het Falcon-dashboard en de verborgen Falcon-claxonring heten 1964 1/5 modellen en zijn gezocht bij verzamelaars.

Weergaloos succes

Ze waren niet aan te slepen. Door de Mustang kon het Edseldrama eindelijk weggelachen worden. In plaats van de verwachte verkopen van de goedkoopste uitvoeringen aan jongeren, vroegen de klanten juist massaal om de meest luxe uitvoeringen met de zwaarste motoren. Die werden dan ook al gauw vervangen door zwaarder materiaal. En omdat de Mustang als gewone gezinsauto te gebruiken was, bleef de klandizie absoluut niet beperkt tot de jeugd. Om aan de vraag te voldoen werden Mustangs naast Genk al gauw ook geassembleerd in Amsterdam, Keulen en Dagenham.

Inspiratie voor de Capri en de Manta

Het succes duurt voort tot de dag van vandaag. De Mustang inspireerde Ford Europa en General Motors Continental te komen met een vergelijkbaar concept van een sportief gelijnde tweedeurs op basis van een gewone gezinsauto in een keur aan uitvoeringen en motorvarianten. Dat leidde tot de Ford Capri (1967) en de Opel Manta (1970). Het was ook de aanleiding voor andere merken om op basis van hun gezinsdoosje een uiterlijk geheel afwijkende, spannende coupé of cabrio te maken, zoals de Triumph Spitfire (onderhuids een Herald), de Simca 1000S (net als de Fiat 850 onherkenbaar naast de basis-auto) en de Renault Floride (eigenlijk een Dauphine).


Help ons mee deze website en de aangeboden artikelen gratis te houden. Abonneer uzelf op Auto Motor Klassiek en ontvang daarbij ook het blad 12x per jaar in de bus. Of doneer een gewenst bedrag op onze betaalpagina via deze link. We zijn u er zeker dankbaar voor.


Beste Klassiekerliefhebber

Geniet van dagelijks gratis verhalen over oldtimers in uw email en schrijf gratis in. 


16 Comments

Leave a Reply
  1. Gaaf verhaal weer! Dank.
    In het Louwmanmuseum draait bij één van twee nog bestaande DB’s, ik denk, de scène van de “007 DB en de “Masterson Mustang” in Zwitserland.
    De charme van deze scène vind je ook hier in de onechtheid.

  2. Respect voor het Mustang-artikel van Olav ten Broek. Ook de meeste reacties getuigen van hoog niveau.
    Voor mij aanleiding om mij op Auto & Motor Klassiek te abonneren. Dat betekent in zekere zin een terugkeer omdat de eerste redactievergaderingen van Het Automobiel vanaf 1980 bij mij thuis werden gehouden. Ook later veel geschreven voor Voiture’s Courant. Alle in de mand van AMK terecht gekomen.

  3. Mooi verhaal van een geweldige wagen!

    Alleen de Triumph Spitfire, de Simca 1000s (coupé) en de Renault Floride waren er weldegelijk eerder dan de Mustang; respectievelijk 1962, 1961 en zelfs 1958 voor de Renault. Zou Ford het kunstje dan in Europa hebben afgekeken?

  4. hallo Olav

    ik sta altijd direkt klaar om iemand op een foutje te betrappen, ditmaal U: McNamara was Managing director onder Henry Ford II, en werd weggeroepen doordat hij een baan kreeg als minister van Defensie. Maar de Mustang was wel het kind van Lee Iacocca die
    “design director” was.

  5. Iedereen die voor het eerst in de film Goldfinger zag dat een complete Lincoln Continental in een schrootpers werd gegooid, waarna het geperste restant op een Ford Ranchero Pickup werd gezet en weer wegreed, vroeg zich af of dat wel kon.

    Het antwoord moet zijn “nee, dat kan zeker niet”. De Falcon Ranchero had een laadvermogen van 363 kilo, een Lincoln Continental woog 2.359 kilo én in de film zat er voor een miljoen aan goud in, met een massa van 880 kilo.

    Thuis moest de arme Oddjob al dat goud weer van het blik scheiden. Vreemd, hij had het ook uit de kofferbak kunnen halen vóórdat de Continental tot conservenblikjes werd geperst. Maar goed, over de domme fouten in Goldfinger kan je een boek schrijven.

    Schermafdruk van 2021 08 05 23 26 01

  6. Er word een absolute “PONYCAR“ vergeten n.l de rambler Marlin die de ford mannen het idee gaf om een car voor de jeugd op de markt te brengen. Studie model Tarpoen in 1963 en op de markt gebracht begin 64 als MARLIN de voorloper van de MUSTANG door AMC de eeuwige “underdog“ in auto wereld.

    • Goed dat je erover begint, want ook ik heb er totaal niet aan gedacht. Ja, AMC was de gedoemde underdog en heeft het dan ook niet gered. Ondanks dat ook zij een James Bondfilm hebben gesponsord: Live and let die in 1973.

  7. Mooi artikel Olav!
    Ik wist niet de Mustang zelfs
    In Amsterdam geproduceerd werd(!)
    Alweer wat geleerd. Het blijven iconische auto’s. Indrukwekkend en pijnlijk, het besef dat dat jonge Amerika van toen toch een uitvloeisel van de oorlog was. Babyboomers maar daarbij opgeteld ook een generatie mannen die door de oorlog grootschalig uit de samenleving gesneden werd. Paradoxaal dat dit alles tot zoiets moois als een Mustang geleid heeft.

    • De Verenigde Staten betaalden een tol van 418.500 mensenlevens en natuurlijk een enorm aantal oorlogsbodems en ander materieel, maar dat was (zeker in verhouding) beperkt in vergelijking met de, ik noem maar, 1 miljoen Phiippijnen, 3 miljoen Japanners, 3,5 miljoen Nederlands-Indiërs, 5,6 miljoen Polen, 6 miljoen Duitsers, 20 miljoen Chinezen en 27 miljoen Sovjets. Bovendien was het grondgebied van de VS bespaard gebleven en was hun industrie vitaler dan ooit tevoren juist dankzij de oorlogsinspanningen. Bovendien had de hele wereld schuld aan de Amerikaanse schatkist. Een betere economische positie is niet denkbaar. Het feest duurde tot ongeveer 1973, de eerste oliecrisis en de Japanse Invasie (niet militair maar deze keer met kleine, zuinige en betrouwbare auto’s).

  8. Leuke car, ontwerp. Echter de mindere kwaliteit was te wijten aan de ( te) lage prijs. Restaureren is goed te doen, want niet te duur. Geef mij maar GM.

  9. Zoals bij de meeste modellen is de eerste serie het meest aantrekkelijk en het meest gezocht.
    Je kan je afvragen waarom dat autofabrikanten steeds de neiging hebben om hun succesmodellen te moderniseren = mismeesteren als deze al enkele jaren op de markt zijn.
    Zo een vroege Mustang zou ik ook nog willen, solide, goed onderhoudsaar en zooo herkenbaar vanuit de vele films!

    • Dat gebeurt om het inruilen aantrekkelijk te maken. Na een paar jaar staat er een nieuwe versie in de showroom en ineens is jouw auto dan “het oude model” geworden. En een auto is – zeker in Amerika – niet alleen een vervoermiddel maar ook een statussymbool, je laat ermee zien hoe succesvol je bent. Ik moet wel zeggen dat Ford altijd, tot op de dag van vandaag, wat stijl-elementen van die eerste Mustang heeft bewaard zoals de drievoudige achterlichten.

      Autofabrikanten maken daar handig gebruik van.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

The maximum upload file size: 8 MB. You can upload: image. Links to YouTube, Facebook, Twitter and other services inserted in the comment text will be automatically embedded. Drop files here

Honda CBX550 F

Honda CBX550 F. Met die rare remmen

Volkswagen Kever Type 11 A 1950 2

Volkswagen Kever (Type 11 A) (1950): Het bruine brilletje van Epie Kooistra.