Sluitingsdatum meinummer -> 17 maart
Peugeot 203. De eerste naoorlogse auto uit Sochaux wordt 75 jaar
In oktober 1948 presenteerde Peugeot de nieuw ontworpen 203 als opvolger van de 202. De Peugeot 203 was de eerste naoorlogse personenauto van de Franse fabrikant. Gedurende een aantal jaren gaf de 203 zijn makers- helemaal solo- weer kleur op de wangen. Alle reden om stil te staan bij de auto, die dit jaar 75 kaarsjes mag uitblazen.
De 203 had een zelfdragende carrosserie, en was daarmee de eerste auto van de Franse fabrikant die daarmee werd uitgerust. Het ontbreken van een apart chassis zorgde voor een grote gewichtsbesparing, de Peugeot woog leeg 915 kilo. In technische zin vielen de hydraulisch bediende remmen, de onafhankelijke voorwielophanging en de tandheugelbesturing op. De half zwevende starre achteras werd gecombineerd met schroefveren. De Peugeot kreeg een voor zijn tijd moderne 1.290 cc viercilindermotor. Hij had een aluminium cilinderkop met half-bolvormige verbrandingskamers en in V-vorm geplaatste kleppen. Deze werden via een vernuftig mechanisme bediend door één zijdelings geplaatste nokkenas. De bougies kregen een speciaal plekje: centraal in de cilinders. De motorconstructie zorgde bovendien voor een gunstige doorstroming van het brandstof-/luchtmengsel. De bestuurder kon verder via een schakelaar op het dashboard het ontstekingstijdstip bijstellen. De motor ontwikkelde -mede dankzij de lage compressieverhouding van 6.8:1, een bescheiden vermogen van 42 DIN-PK. Dat werd onder meer door een cardanas en differentieel met wormwielaandrijving via de achteras naar de achterwielen overgebracht. Twee in serie geplaatste zes volt accu’s verzorgden het elektrische gedeelte van de Peugeot.
Solomodel voor Peugeot, diverse carrosserievarianten
De 203 debuteerde als limousine, de Découvrable (een semi-cabrio) volgde snel. De meeste limousines hadden een standaard schuifdak, maar Peugeot leverde ook een spaarversie: de Affaire (of: Affaires). Deze had bijvoorbeeld geen schuifdak en geen verwarming. De 203 was vanaf 1949 zes jaar lang het enige personenwagenmodel van de fabrikant uit Frankrijk. Toch konden de potentiële kopers na verloop van tijd kiezen binnen een uitgebreid programma. Peugeot ontwikkelde tal van carrosserievarianten.
‘Break’ varianten
In 1950 presenteerden de Fransen de stationwagenversies Familiale en Commerciale, de bedrijfswagenversie Fourgonnette en de pick-upversies Plateau en Camionnette (met huif) en de Ambulance. De Fourgon (met hoge opbouw) volgde, maar werd slechts een jaar gebouwd. Voor de fijnproevers bracht Peugeot in 1951 de prachtige cabriolet. In 1952 volgde de Coupé (955 keer gebouwd). De 203 stond ook in rally’s zijn mannetje, de wedstrijden waren belangrijk voor de reputatie van de Peugeot. De 203 was succesvol in de Mille Miglia, Luik-Rome-Luik, Monte Carlo en de Tulpenrally. Bovendien reed de equipe Mercier- De Cortanze de monsterrit Kaapstad-Parijs. Zij legden de rit van 15.020 kilometer binnen achttien dagen af.
Steeds subtiel gewijzigd
Peugeot voerde regelmatig voorzichtige wijzigingen aan de 203 door, het oorspronkelijke karakter bleef daarbij in stand. Het vermogen steeg in 1952 naar 45 DIN-PK. De vermogenswinst werd geboekt dankzij een ander type zuiger. Voor modeljaar 1953 kreeg de Peugeot extra ventilatieruitjes in de voorportieren. De berlines kregen een grotere achterruit, en bij de berline verdween de lange regengoot. Deze bogen nu met de achterportieren mee. Vanaf 1954 werd de versnellingsbak volledig gesynchroniseerd. Ondertussen haalde Peugeot de zeldzame coupé en de fraaie Découvrable van het programma. Vanaf modeljaar 1955 heette de eerste naoorlogse Peugeot {203C}. Het spaarmodel Berline Affaire verdween. Peugeot bleef de 203 subtiel wijzigen. Het schuifdak werd nu een optie. Het schakelschema werd aangepast en de vering vóór kreeg zeven bladen. Verder kreeg de 203 bijvoorbeeld een ruitensproeier, slaapstoelen en nieuwe achterlichten.
Succesvol Peugeot-model
Tijdens de tweede helft van de jaren vijftig faseerde Peugeot de meeste carrosserievarianten uit. Toch begroette de 203 nog modificaties. Voor de laatste bouwjaren verdwenen bijvoorbeeld de pijlrichtingaanwijzers, daar kwamen vaste knipperende richtingaanwijzers in de achterlichten en onder de koplampen voor terug. Vanwege veiligheidseisen verdween de markante leeuw op de voorplecht. In februari 1960 stopte Peugeot met de productie van de 203, na een fraaie oplage van 662.306 stuks. Het beste verkoopjaar voor de 203 was 1954, toen 106.784 exemplaren de fabriek verlieten.
Enkele speciale versies
De luxe sportsalooncreaties van de Parijse Peugeotdealer Emile Darl’Mat (verlaagde en meer gestroomlijnde carrosserie, sterkere 1.290 cc en 1.425 cc motoren, auto naar klantwens samen te stellen) waren de meest bekende derivaten van de reguliere 203 modellen. Tegenwoordig zijn deze zéér gewild. Ook de supercharged versies van compressorbouwer Constatin waren uniek. Constatin reed in 1953 met een speciale racewagen op basis van de Peugeot 203 (met 1.290 cc en supercharger) de 24h van Le Mans, en werd 24e in de eindrangschikking.

Over de zelfbejubelde e-voertuigen, mijn e-auto verbruikt op 900km geen enkele liter…….hoogstens ruitensproeier vloeistof.
Met alle respect, het verbruik van de 203 is wel heel optimistisch ingeschat.
Bezit zelf meerdere oldtimers van daf zowel 2 als 4 cylinders t/m. 2CV en de autobaan wordt veelal gemeden maar 1:13 voor de daf’s tot 1:15 voor de 2CV is wel de max.
Na oorlogse auto opbouw.
Als je je verdiept in de onvoorstelbare schade na WO2 is het een wonder dat de maatschappij relatief snel op gang ging. Geen wappies en zeveren maar aanpakken was het devies.
Steden en infrastructuur lagen in puin. Mensen waren op drift. Geestelijke nood.
Alles was kapot en aan alles was een gebrek.
Knap hoe de mobiliteit in die omstandigheden weer opgepakt werd. Maar ook met een achterstand voor sommige fabrikanten omdat er politiekeen economische keuzes werden gemaakt.
ik heb zelf een 203 en een Volvo katterug (=PV444 B14 uit dezelfde periode)
De 203 is zeker even solide als zijn het Zweedse broertje, maar heeft een veel beter veercomfort en wegligging. De 203 had een aantal zeer goed doordachte zaken zoals bv een aftapkraantje voor het koelwater en een motorconstructie met losse cilinderbussen, zodat zelfs de gemiddelde Franse boer een complete motorrevisie eenvoudig kon uitvoeren.
Wat het verbruik betreft, daar kunnen moderne zelfbejubelde e-voertuigen een voorbeeld aan nemen, deze 75 jarige Peugeot heeft een actieradius van meer dan 900 km met een ‘volgeladen’ tank van 50 liter.
Dankjewel voor dit mooie eerbetoon aan de Peugeot 203 in woord en beeld. Je brengt ermee mijn vroegste automobiele herinneringen weer tot leven. Mijn vader en mn oom deelden samen deze ‘auto van de zaak’ en om beurten in het weekend. Hij beviel blijkbaar uitstekend, want ze hadden na elkaar een witte, een grijze en een grijsblauwe.