Sluitingsdatum meinummer -> 17 maart
Opel Kadett City. Vijftig jaar jong
In 1973 lanceerde Opel de C-Kadett. De succesvolle voorganger (B-Kadett) kreeg daarmee een (verlate) opvolger. De configuratie en het daarmee samenhangende programma was conventioneel. De motor voorin, de aandrijving achterin. Bovendien ontwikkelde men de auto op het T-platform van General Motors, de basis van waaruit één mondiale familie (met op de specifieke markten afgestemde auto’s en specificaties) tot stand kwam. Voorbeelden waren de Chevrolet Chevette (debutant in Brazilië, 1973), en de Opel Kadett-C. Later kwamen bijvoorbeeld de Isuzu Gemini en de Vauxhall Chevette tot stand, en zij toonden op diverse vlakken (cosmetische) gelijkenis met de T-chassis familieleden. Eén daarvan was de Opel Kadett City, die dit jaar zijn vijftigste verjaardag viert.
De Opel Kadett was leverbaar in de klassieke twee- en vierdeurs configuratie. Binnen het eigen Opelhuis zag men echter meer en meer, dat de (Europese) concurrentie de compacte auto’s met praktisch gebruiksgemak een steeds grotere rol toebedeelden. Voorbeelden waren de R5, de A112 van Autobianchi en de Fiat 127 (driedeurs). En binnen het C-segment had Volkswagen de wereld verrast met de nieuwe, voorwiel aangedreven Golf, terwijl Simca al járenlang de (eveneens voorwiel aangedreven) 1100 op het programma had. Zastava- dat een bescheiden rol speelde binnen de West-Europese markt- had bovendien in 1971 de 101 gelanceerd.
Om een goed tegenwicht te bieden zocht Opel naar een oplossing om een praktisch alternatief voor de concurrentie te ontwikkelen. Daarbij werd de van oudsher Duitse fabrikant een handje geholpen door de ontwikkelingen die bij de GM-concernzusters plaatsvonden. Om het tot Europa te beperken: Vauxhall had een begin gemaakt met het S-Carproject. Vanwege budgettaire redenen besloot men- op instigatie van moeder General Motors- op het universele T-platform over te stappen voor de ontwikkeling van een nieuwe hatchback. Een voorbeeld was de Chevrolet Chevette, en deze creatie was en profil het uitgangspunt voor het ontwerp van de Vauxhall Chevette én de Opel Kadett City.
Vanuit concurrentieoverwegingen hadden de Europese GM-dochters dus twee troeven in handen die, ondanks sterke gelijkenissen, technisch (motorisch) van elkaar verschilden. Bovendien had de Chevette een schuin front, a la de Firenza en de latere Opel Manta-B. De Britse Chevette debuteerde in mei 1975 als hatchback. De Vauxhall werd in Groot-Brittannië gebouwd. Daar produceerde Opels’ Britse GM-zuster echter ook de achter panelen voor de Kadett City, om deze vervolgens ‘op transport’ te zetten naar Bochum in het toenmalige West-Duitsland.
De Kadett City maakte zijn opwachting op hetzelfde moment als de Chevette en werd zo de eerste Opel met een driedeurs hatchback carrosserie, mét een in het dak scharnierende achterklep die omhoog werd gehouden dankzij een gasveer. Hij viel zowel binnen het b- als het c-segment en zo had GM (net als met de Chevette) een aardige troef in handen in dit marktgebied. De configuratie was in de basis dezelfde als bij de andere carrosserievarianten van de Kadett: de motor voorin, aandrijving op de achterwielen. Om zoveel mogelijk ruimte en praktisch gebruik gemak te creëren ontwierp men een vlakke laadvloer. Dat realiseerden de ontwerpers onder meer door de brandstoftank (net als bij de Kadett Caravan) ‘laag’ te plaatsen. de achteras had de schokbrekers diagonaal in de breedterichting van de auto. De techniek van de City kwam verder grotendeels overeen met de overige C-Kadett familieleden.
De City was ten opzichte van de twee- en vierdeurs versies met de klassieke kofferbak (drie-box) wél twintig centimeter korter. Op motorisch gebied hadden kopers van de Opel Kadett City de keuze uit twee 1.2 liter krachtbronnen: de N met 38 kW (52 pk) en de S met 44 kW (60 pk). Deze laatste was ook leverbaar met een handige automatische transmissie. Voor specifieke markten stond ook de (feitelijk nog uit de Kadett-A stammende) 1.0 N kopkleppenversie met 40 DIN-pk op het programma. Daarnaast was de hatchback- net als de andere carrosserievarianten- leverbaar in diverse uitvoeringen (basis, Special, de Luxe, Grand Luxe en de SR, ook de Junior stond nog een tijdje op het programma). Verder stond de koper ook een aardig arsenaal aan opties ter beschikking.
In 1977 voegde Opel de 1,6-liter S-motor met 55 kW (75 pk) toe aan het motorengamma, en deze aanvulling viel samen met de facelift van mei van dat jaar. De Kadett C1 werd toen logischerwijs vervangen door de C2, en dat was vooral aan het vernieuwde front zichtbaar. Bovendien kreeg het leveringsprogramma een andere samenstelling. De Berlina (bij de Coupé: Berlinetta) werd daar aan toegevoegd, en ook de City was in deze trim leverbaar. De naam Grand Luxe verdween van het toneel.
De Kadett-D stond inmiddels in de steigers, en in 1979 nam de eerste Opel met voorwielaandrijving het stokje over van de hele C-generatie Kadetten. Dat betekende dus ook het einde voor de Kadett City. In vier jaar tijd nam Opel eerste hatchback 15,4 % van de totale Kadett-C productie voor zijn rekening. Dat komt neer op 263.090 exemplaren. En daarmee bewees de Kadett City Opel een goede dienst.

Mijn vader ging mee met de aankoop, mijn oma sponsorde met Hfl.1000,– en vier dagen voor ik mijn rijbewijs haalde werd de zwarte City SR, met 23-RS-49, de mijne.
De SR had o.a. een toerenteller, een oliedrukmeter en een voltmeter(?) als extra’s.
Deze jongen trots? Als twee pauwen.
Een rotte dorpel werd door Piet de Lasser keurig hersteld.
Diep bedroefd was ik toen bleek dat een gebroken zuigerveer ervoor zorgde dat ik afscheid van het originele torretje. Gelukkig had schone sloop Chaos een ruilmotor. Deze stond garant voor nog jaren rijplezier.
Ik heb tussen 1990 en 1992 in een city bouwjaar 1979 rondgereden. De city bracht me overal heen zonder problemen. Op een gegeven moment begon ie als ik 50 km/h reed een soort wolvengehuil te laten horen, dat waren blijkbaar de lagers van het cardan. Niets aan doen daar wordt ie 100 mee zei onze monteur. Het was een fijne auto waar je nog van alles zelf aan kon doen.
Heerlijk autootje, helaas begon hij steeds meer uit elkaar te vallen. De ramen waren een keer in de deur gevallen, dus had ik ze dicht vastgeplakt, nadeel was dat op een lange hete reis de motor te warm werd en wij bij een buitentemperatuur van 35 graden met gesloten ramen de verwarming vol aan moesten zetten. Wanneer hij olie nodig had, ging het oliedruklampje branden en gooide ik er een litertje bij. Een keer heeft hij me in de steek gelaten, maar dat is ‘m vergeven. Het was op de dag dat ik door een journalist van ‘Autoweek’ werd gebeld werd met de mededeling dat ik een Honda Concerto van 35000 gulden had gewonnen. De volgende dag, en 4 bougies later, deed hij het weer…
Een auto met karakter dus. Bedankt voor het delen van de herinneringen
Een GrandLuxe in whitegold zoals op de foto gekocht in1977 met 10000km! Mooie wielen en Bilstein dempers er onder toen veel bekijks mee gehad.Na 3 jaar ingeruild voor Kadett sedan 16 S. Degelijke auto met karakter voor die tijd!
In het vervliegen van tijd wordt alles leuk. Zelfs de Kadettcity.
Destijds waren het toch vooral afgekapte Kadetts die door de ware Opel Kadettrijders (auto heeft een kont +++) niet voor vol werden aangezien. De Opel Kadett E was natuurlijk in die optiek nog erger (geen kont, zelfs voorwielaandrijving) maar ook kwalitatief erg matig. Dus…. Daar ging de Golf verkoop met het kwaliteitsprookje omhoog in de peilingen en heeft Opel de boot gemist.
Maar nu: geniet van het icoon, het is een unieke auto met verhalen en daarmee een klassieker.
12,5 jaar oranje 1200 automatic gereden als klassieker. Geweldig autootje met toerritten. Ook op vakantie mee vouwwagen erachter. Haalde amper 80 maar bleef rijden. Werd helaas erg slecht en toen maar verkocht.