Gereedschapskist van Frits

Auto Motor Klassiek » Artikelen » Gereedschapskist van Frits

Sluitingsdatum aprilnummer -> we zijn aan het afsluiten

Automatische concepten

Een gereedschapskist. Je gereedschapskist. Dat is best een dingetje. Hier speelde onlangs de gereedschapskist weer de hoofdrol. Dat zet je aan het denken.

Wat Ab van Ginhoven was op het gebied van de in- en uitlaattuning van viertakten, dat deed Frits Overmars voor de tweetakten. Daarover – en over veel meer – schreef hij ook nog eens fantastische columns in Moto73. Wij hebben die natuurlijk allemaal ter inspiratie. Maar toen we een bericht over gereedschap wilden maken, bedachten we dat we deze niet konden overtreffen. Dus: met dank aan Frits Overmars:

Gereedschapskist

Gereedschapskisten zijn zwaar. Niet van zichzelf, want het zijn tegenwoordig niet meer van die plaatijzeren uitklapkoffers met drie verdiepingen die je nooit dicht kon krijgen, omdat er een hamersteel of een bahco ergens tussen zat, en met van die blikken deksels waar je zo gemeen je schenen aan kon stoten. Nu zijn ze vaak van kunststof, hopelijk olie- en benzinebestendig, anders worden je sleutels allemaal zo plakkerig.

Gereedschapskisten zijn zwaar, omdat mensen zoveel rommel meeslepen. Ik kan het weten. In mijn eigen auto ligt genoeg gereedschap om desnoods onderweg de krukas te kunnen vervangen. Het enige wat er nog niet bij zit, is een takeltje om het motorblok uit de carrosserie te tillen.

Waarom ik al die zooi meesleep? Omdat ik altijd auto’s had waarbij dat verstandig was. Hoewel, tegenwoordig valt het mee. Ik rijd nu in iets wat nog geen vijftien jaar oud is. Ik heb nu zelfs elektrisch openende (en meestal ook weer sluitende) ramen; dat is mijn airco. Toch wel prettig als je veel in Italië rijdt.

Kleurencodes

Wat zit er in je gereedschapskist? Alles wat je nodig hebt? En geen rommel die je niet nodig hebt? Er is een eenvoudige manier om dat te controleren. Keer je kist om naast je brommer. Loop die brommer vervolgens helemaal na. Bij elk boutje, moertje en schroefje dat je tegenkomt, zoek je het bijpassende gereedschap. En denk eraan: voor bijvoorbeeld een M8-bout met moer heb je twee sleutels 13 nodig.

Al het gereedschap dat je zodoende nodig hebt, gaat de kist in. Wat er aan gereedschap overblijft, was dus niet nodig en hoeft in het vervolg niet meer te worden meegesleept. En wat aan gereedschap wel nodig was, maar niet aanwezig was, zul je moeten bijkopen. Of je moet de bouten en moeren waar je geen sleutels voor had, vervangen door een andere maat. Voor normale M8-bouten heb je bijvoorbeeld sleutel 13 nodig, maar steeds meer Japanse machines hebben M8-bouten met sleutelwijdte 12. Als je hier en daar wat bouten en moeren vervangt, kun je misschien één van die sleutelmaten in het vervolg thuislaten. Dat scheelt weer in het gewicht en in het zoeken naar de goede sleutel. Om dat zoeken gemakkelijker te maken, kun je trouwens een likje verf smeren aan één eind van je sleutels, bijvoorbeeld aan alle oneven kanten. Die kleurencodes zijn ook gemakkelijk als iemand niet meer weet welke sleutels van jou zijn en welke van hem.

Ringsteek

Ringsleutels zijn het beste; die schieten niet zo gauw van de moer af, je kunt er makkelijker kracht mee zetten en je kunt ze gebruiken met verschilletjes van dertig graden hoekverdraaiing. Ik schreef hiervoor dat je bijvoorbeeld voor een M8-bout met moer twee sleutels 13 nodig hebt. Maar je kunt niet overal bijkomen met ringsleutels, dus heb je ook nog een set steeksleutels nodig. Dat worden voor die M8-bout dus twee ringsleutels 13 én twee steeksleutels 13. Kan dat niet een beetje minder?

Jawel. Die sleutels hebben allemaal aan de ene kant maat 13 en aan de andere kant maat 14. Maar het zou best kunnen dat er aan je hele fiets niet één bout of moer met sleutelwijdte 14 zit. Je sjouwt dan een hoop overbodige ballast mee. Maar daar is een simpele oplossing voor: koop ringsteeksleutels. Die hebben maar één maat per sleutel.

Secondelijm

Wat doe je als iemand komt vragen of hij héél even sleutel 13 mag lenen? Je bent zelf druk bezig, dus je zegt: “In het tweede vak van boven. Leg je ’m daar ook terug?”

Als diezelfde figuur een uur later nogmaals met dezelfde vraag komt, zeg je: “Ga je gang; je weet waar hij ligt.” Maar als hij dan nóg drie keer komt lenen, gaat het toch een beetje vervelen, zeker als hij die sleutel eerst pakt en daarna pas vraagt of het mag. Wat doe je daaraan?

De beste manier om met deze situatie om te gaan is als volgt. Je legt die sleutel alvast netjes klaar, nadat je hem als extra service even hebt voorverwarmd met een gasbrander. Werkt altijd. En als je geen gasbrander bij de hand hebt, doet een druppeltje secondelijm ook wonderen. Zorg maar vast dat er iemand klaarstaat met een camera…

Ringetjes

Secondelijm kan ook heel handig zijn als je een sluitringetje moet monteren op een plek waar je moeilijk bij kunt: lijm dat ringetje gewoon van tevoren vast aan het onderdeel waar het tegenaan moet komen. Vroeger lijmde ik ook wel de ringetjes vast aan de moeren, maar dat doe ik niet meer, want er zijn nu moeren met een ringetje eronder uit één stuk; dat sleutelt veel gemakkelijker. Trouwens, ik vind dat er sowieso veel te veel ringetjes aan motorfietsen zitten. Dat is misschien wel beter voor de lak, maar daar heb ik lak aan. Als er gesleuteld moet worden, heb je altijd haast, en dan wil ik geen last van ringetjes hebben.

Zonwering

Wat zit er nog meer in je gereedschapskist? Erg handig is een instrument dat ze op de Technische Universiteit een massaversterker noemen, maar dat bij normale mensen bekendstaat onder de naam moker. Ideaal voor tentharingen, en ook geschikt om als aambeeld te gebruiken.

Ducttape, oftewel raceplakband, mag natuurlijk niet ontbreken. Daarmee kun je álles repareren, van kapotte ritssluitingen aan je laarzen (zolang de keurmeesters het niet zien) tot lekke waterjerrycans. (Bij jerrycans voor benzine zou ik het niet doen…)

Ducttape is ook geschikt als zonwering. Tegen het eind van de middag, als de zon laag staat, kun je behoorlijk last van het licht hebben. Een strookje plakband langs de bovenkant van je vizier, waar je net onderdoor kunt kijken, is dan wel prettig.

Tiewraps zijn ook heel nuttig. In het Nederlands heten die dingen officieel trekbandjes, maar dat heb ik nog nooit iemand horen zeggen; iedereen noemt ze hier gewoon taaireppies, net als de Engelsen. Wat kun je ermee doen? Te veel om op te noemen: bij sommigen hangt hun hele brommer van die dingen aan elkaar en sommige politiekorpsen gebruiken ze zelfs als handboeien.

Het probleem is soms wel dat ze net te kort zijn. Maar de slimmeriken onder ons hebben al ontdekt dat je ze aan elkaar kunt koppelen. Daarom let ik altijd op bij het doorknippen. Je kunt de kop eraf knippen, en dan kun je er verder niets meer mee, maar je kunt ze ook vlak vóór de kop afknippen, en dan heb je weer een bruikbaar (iets korter) taaireppie. Ik ben geen Zeeuw, maar ik ben wel zuinig.

Frits Overmars

Gereedschapkist van Frits
Gereedschapkist van Frits
Gereedschapkist van Frits

Schrijf je in en mis geen enkel verhaal over klassieke auto’s en motoren.

Selecteer eventueel andere nieuwsbrieven

6 reacties

  1. Beste stuk gereedschap staat op de eerste foto: een 1/4 ratel van Facom met 72 tanden die genoeg heeft aan een beweging van maar 5 graden.

  2. Decennia lang heb ik rond gereden zonder ANWB lidmaatschap. Pas met de huidige auto moest ik zwichten omdat ook een benzinemotor tegenwoordig een computeachine geworden is. Maar ik geef het toe, Frits heeft gelijk. Míjn uitklapbare gereedschapskist is zwaar. Zelfs zo zwaar dat ik het handvat al opnieuw heb moeten lassen nadat ik bij het knappen ervan een kolderieke achterwaartse acrobatische beweging gemaakt had.
    Voordat ik die kist vooraf aan een lange rit meeneem, wordt ze steevast ontdaan van onnodige ballast. Ik ben niet van het rücksichtlos meenemen van dik gereedschap als ik weet dat óf die maat niet aan mij auto zit, óf… dat een reparatie die dermate zwaar gereedschap vereist, meer vereisen zal dan slechts die reparatie aan de rand van de weg. De inhoud van de kist wordt echt stevig doordacht bepaald en dat scheelt echt ettelijke kilo’s. Een twijfelgeval werd mijn redding. Onderweg naar Friesland trapte ik bij mijn Golf III door de koppeling. Ik keek onder de kap waarbij ik zag dat de kop van de kabel door het borgplaatje onder het rubber van de hefboom op de bak getrokken was. Versleten plaatje. Ik was oerentig blij dat ik na gedede twijfel tóch mijn juniorzaagje mee had genomen en wat moertjes. Uit een moertje, met de waterpomptang vasthouden en op de vangrail afsteunend, werd een hapje gezaagd. De kabel werd weer ingevoerd door de hefboom waar het borgplaatje nog in het rubber plakte. Het moertje werd om de kabel geschoven en dat zakte niet door het uitgesleten plaatje(!!) En zo was ik letterlijk binnen 10 minuten weer onderweg. Ik durf er wat onder te verwedden dat de ANWB dat niet sneller gekund had. Nog effe langs een VW dealer om zo’n vers borgplaatje te scoren dat ik ergens in die week maar gemonteerd heb. Dat juniorzaagje…. En ja, ik wil de keren niet hoeven tellen dat ik mijn schenen tot bloedens toe opengehaald heb aan dat blikken klapdeksel van die kist!! Miljaar!!! Frits heeft alweer gelijk!!

    • Zelf ook eens de koppelingskabel langs de weg gerepareerd van een Ford Escort uit 1986. Het kunststof blokje waarmee de buitenkabel vast zat was afgebroken dus dit had ik simpel vastgezet met een stukje installatie draad wat standaard ook in mijn gereedschapskoffer zit. Binnen 10 minuten was ik weer onderweg met mijn date wiens vader een garagebedrijf had dus daar scoorde ik goed mee.
      Later heb ik wel een nieuwe kabel geplaatst.
      De Ford ruilde ik een half jaar later in, en die vriendin trouwens ook.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Maximale bestandsgrootte van upload: 8 MB. Je kunt uploaden: afbeelding. Links naar YouTube, Facebook, Twitter en andere diensten die in de reactietekst worden ingevoegd, worden automatisch ingesloten. Bestanden hier neerzetten