Sluitingsdatum augustusnummer -> 16 juni
Een tijdreis, Een zondag langs de Maas – column
We hebben een keer per jaar een uitje. We gaan dan naar Zeeland of naar de westrand van de Ardennen. De voorlaatste keer waren het de Ardennen. Via de Maasvallei en op maar liefst drie Harleys: een UL 1200 uit 1930 of zo (“Ik weet dat hij zeldzaam is en ik weet dat ik geen remmen heb”), een net in burgerkostuum gestoken herboren WLC (“Hij is brandweerrood, écht RAL 3000 dus!”) en een Liberator die vanaf 1946 was blijven lopen (“Het is gewoon een kwestie van om de twintig jaar het blok en de bak reviseren”). Plus een 350 cc DKW (“Natuurlijk smeer ik gewoon 1 op 25”) en een M72-combinatie voor de onderdelen en het gereedschap. De rooie Harley was het probleemkind.
Tijdens de rit sleutelden we de ongemakken van de recente restauratie eruit. Maar toen ook de reservebougie was doorgeslagen, zaten we met een uitdaging. Want waar vind je op een zondagmiddag zo’n Harley-bougie met zijn gek dikke schacht? We reden rond en belden aan. En merkten dat men in de Maasvallei bijzonder gespecialiseerd was in het niet hebben van Harley-bougies.
In de tussentijd liep er bij de ouwe Liberator een voorwiellager aan gruis. Maar omdat de naven van dat ding in de zeventiger jaren al op inbouw van echte lagers waren omgebouwd, was dat geen probleem. De watersportzaak tegenover het terras waar de Lib gestrand was, had de SKF-maat zo voor het grijpen. Met de anderhalftonsgaragekrik uit het zijspan werd de voorkant van de ouwe groene opgekrikt… Een halfuurtje werk plus twee Jupilers… Stelt niets voor.
Op het terras vertelden we de ober over ons probleem. Hij wees ons een smal weggetje dat we moesten volgen.
Daar woonde de weduwe van een garagist. De man was dertig jaar geleden gestorven en toen was de garage op slot gegaan. Misschien was daar nog wat te vinden. Het voormalige garagebedrijf was een halletje van 10 bij 12 dat losjes tegen de zijgevel van een wat verslonsd pand leunde.
Toen we de oprit opdraaiden, kwam er een heel blije oude dame naar buiten. “Regardez les motos! C’est comme j’ai vingt ans encore une fois!” De Harleys en de BMW-kloon deden haar aan haar jeugd denken.
We legden haar ons probleem uit. We mochten in de garage kijken. Na dertig jaar in onbruik te zijn geweest, is een garage geen tochtig hol vol spinnenwebben en vleermuizen. Het was er alleen wat stoffig. Er stonden wat klassiekers waarvan de muizen het hele interieur hadden opgevreten.
Ook veel kartonnen dingesten hadden vraatsporen. De bougies waren keurig gesorteerd. Het bleek dat bougies uit Ford 12M’tjes dezelfde bizarre schachtdikte als de Harley-bougies hadden. Alleen de afdichting op de kop was anders. Maar met gevoelvol aandraaien zou dat het probleem niet zijn.
Voor de bougies hoefde niet betaald te worden. We namen hartelijk afscheid. Met de Ford-bougies haalden we Olloy probleemloos. Dat waren dus 352 heerlijke kilometers in maar 13 kalme uren.

Met een UL zonder remmen de Maasvallei in, tsja. Dapper of eigenwijs, hangt ervan af of je voorop rijdt of erachter.
Waarom niet gewoon 1 op 50 smeren ?
Met een moderne volsyntheet olie zou dit prima moeten kunnen.
De oude adviezen zijn uit een tijd dat mengolie nog echt dikke recent-verteerde dino-snierk was.
Moderne olie verbrand beter, koolt niet aan, ontmengt niet etc.
RAL 3000 op een WLC blijft toch een aparte keuze. Brandweerrood is brandweerrood, maar mijn oog moet daar altijd even aan wennen.
Drie oude Harleys en dan verbaasd zijn dat de rooie de aandacht opeist. Dat is geen rit, dat is mobiel werkplaatsonderwijs.
Welke camping was dat in het verhaal met de harley’s ? Foto met het blokhutje
Mvg fred
Wat een pracht van een verhaal! Fantastisch om zulke avonturen vandaag de dag nog te mogen/kunnen beleven! Het komt me allemaal heel bekend voor. Ik heb veel motor en bromfietstochten gemaakt in het buitenland, met de nodige pech natuurlijk. Heel vaak kwam ik in contact met fijne en behulpzame mensen en beleefde zo de mooiste avonturen! Op mijn 70e, in 2017, maakte ik een geweldige tocht naar Oostenrijk op mijn 50cceetje van 1953. Ondertussen nam ik deel aan de Moped Marathon in Sölden, ook een heel bijzondere belevenis!
Met groet, Ötzi
Wat heerlijk om zo met jullie groepje op pad te gaan! Dat is nog echt avontuur! Helaas ga ik met mensen mee die bij een lekke band al met de ANWB moeten bellen. Toen ik de laatste keer gewoon een propje in een lekke band stak, en de band met mijn meegenomen pomp weer op 2,5 bar ging zetten, keken ze me aan of ik van mars kwam. Zijn de motorrijders van de jaren 70 niet meer Dolf
Bougies hebben me nog nooit laten stranden met de zijklepper, imitatie ‘Taiwan Teddy’ bobines wèl.
Dus origineel of ronde Japanse; die zijn wel goed.
Origineel is mooi, functioneel en betrouwbaar mooier.
Dus als modern beter functioneert dan OEM…doen.
Wiellagers en koppelingshuislagers zijn allang moderne rollager, dus geen gezeur meer, en niemand die het ziet.
1 op 25 in zo’n DKW deed mijn vader ook altijd, al vond de buurman dat toen al veel te vet. Ding rookte als een frietketel maar liep wel.
Voorwiellager in gruis en dan gewoon een SKF uit de watersportzaak trekken, dat is precies waarom ombouwen naar normale lagers geen heiligschennis is. Origineel is aardig, thuiskomen is beter.
Het heeft zijn charme. Leven met een mobiliteitsgarantie lijkt me saai. De bemoeienissen gaan trouwens nog verder. Eenkennis op een allroad was wat aan het spelevaren in het havengebied. Hij maakte een rustige nicotinestop en zat wat bootjes te bekijken. Toen werd hij gebeld. Door de alarmcentrale: Hij stond al een hele tijd stil op een onvehard terrein, ver van de openbare weg. Of hij niet toevallig verongelukt was?
Waarom niet smeren met triboron? Kan 1:100 rookt niet koolt niet. Motor loopt soepeler. Rijd er al jaren mee met de brommertjes
Die Harley-bougie met die gekke dikke schacht, daar sta je dan op zondagmiddag.
Een reserve bougie in de bagage is zo gek nog niet.