Sluitingsdatum meinummer -> 17 maart
Een soort incest: Moto Guzzi 400 GTS
Italianen… Daar is veel over gezegd en geschreven. Uit eigen waarneming zijn ze voornamelijk opgebouwd uit emoties. De lijst van fantastische Italiaanse motorbouwers die failliet gingen omdat ze van elke 1.000 verdiende lires er 2.000 investeerden in raceplannen, dromen en constructies is bijna eindeloos. Het zijn onpraktische dromers, ontwerptechnische genieën.
Alejandro de Tomaso: een Argentijns-Italiaanse ondernemer
Maar dan hebben we de Argentijn Alejandro de Tomaso, een zoon van een Italiaanse politicus en een Spaanse grootgrondbezitster. In 1952 moest hij om politieke redenen Argentinië verlaten. Hij trouwde met de kleindochter van de oprichter van General Motors, maar kon ook dankzij zijn eigen vermogen zijn eigen automerk oprichten. Daarnaast kocht hij een aantal Italiaanse bedrijven.
De Tomaso’s overname van Benelli en Moto Guzzi
In 1971 nam De Tomaso het Italiaanse motorfietsmerk Benelli en in 1973 Moto Guzzi over. Hij maakte meteen werk van nieuwe ontwerpen voor deze merken. Want met de typisch Italiaanse insteek wilde hij de invasie van Japanse motorfietsen mondiaal tegenhouden. Wat?! Hij wilde de Japanners van de kaart vegen. Hij deed dat met bijna 1-op-1 replica’s van de Honda CB500 en dat maar 1,5 met de legendarische Benelli Sei zescilinders. Het genadeloos pikken van Honda’s deed hij onder de strijdkreet: “Van dieven mag je stelen!”
Invloedrijke ontwerpers en de evolutie van Benelli en Moto Guzzi
Vanuit die insteek huurde hij Paolo Martin en Pierangelo Andreani in. Martin kwam van Ghia, maar had ook al gewerkt voor Bertone en Pininfarina. Hij ontwierp 250-, 350-, 400- en 500 cc viercilinders en de 750- en 900 cc Benelli Sei modellen. Voor wat betreft de motoren van Benelli nam De Tomaso simpelweg kopieën van Honda motoren. De langsgeplaatste V-twins van Moto Guzzi werden gemoderniseerd, maar de lichtere modellen leken door de ruimhartig toegepaste badge-engineering vooral veel op de Benelli’s. Moto Guzzi was echter, dankzij de vertrouwde motoren, een veel sterker merk en al snel kwam Benelli op het tweede plan. Toen Paolo Martin zijn eigen designstudio opstartte, werd zijn taak overgenomen door Pierangelo Andreani, die ook al voor Ghia had gewerkt.
De wisselvallige populariteit van de Benelli en Moto Guzzi modellen
De 500 cc Benelli’s zijn niet erg gevraagd. Veel van de Moto Guzzi’s uit de De Tomaso tijd zijn dat wel, hoewel er nu heel veel van zijn omgebouwd naar caféracers, LeMans clones en dergelijke. De scherpe styling die zo kenmerkend was voor hun tijd werd en wordt door veel Guzzi liefhebbers toch minder naar waarde geschat dan de Guzzi’s met een meer klassiek Guzzi uiterlijk. Over smaak valt nu eenmaal niet te twisten.
De praktijk van badge engineering en familieruzies
Dat badge engineering gedoe binnen de merkengroep is natuurlijk niets nieuws. Zo liepen er ook Benelli’s met Motobi emblemen. Maar dat was meer het resultaat van een familieruzie in plaats van een meesterplan.
De Moto Guzzi 400 GTS: een korte geschiedenis
De Moto Guzzi 400 GTS op de foto’s zagen we te koop staan en is het logische vervolg op de 350 GTS. En hij had net zo goed Benelli kunnen heten. Het blok van de Moto Guzzi 350 GTS was weer heel erg een Honda look-a-like en boring en slag bedroegen 50 x 44 mm. Het ontwerp was helemaal nieuw en er was geen enkel element te ontdekken dat herinnerde aan de oudere modellen van Moto Guzzi. In 1974 had de machine nog een ouderwetse trommelrem in het voorwiel, maar in 1974 werd die vervangen door een schijfrem. De 350 GTS werd geproduceerd in 1974 en 1975 en opgevolgd door de 400 GTS.
De zeldzaamheid en verzamelwaarde van ‘missers’
Net als met alle ‘missers’ zijn er niet erg veel van verkocht. De meeste trefkans heb je via subito.it. En de aankoop zou je kunnen overwegen omdat heel veel ‘missers van toen’ juist door hun zeldzaamheid steeds gevraagder worden. Maar of je een klassieker als risico-investering koopt of gewoon voor je plezier? Dat moet je natuurlijk zelf weten. Maar qua aankoopgedrag zit deze lijn motoren in de nog heel vriendelijke hoek.
De Moto Guzzi 400 GTS: een betaalbare klassieker
We kregen de foto’s via een lezer, de Guzzi staat of stond bij Motorhandel Jeroen Mensen en de vraagprijs was net onder de 1.500 euro.

Net zo sneu als de opklopte Matchless G80 met een Rotax blok. Maar nog veel liever die dan zo’n Universal Italian Motorbike – poging.
Mee eens. Ooit stond er bij Roadrunner in Velp zo’n neo Matchless. Maar daar straalde nog een zekere kwaliteit wan uit. Deze aanpak was toch die van zwaktebod als noodoplossing. Bij Motobi/ Benelli zat er tenminste nog een dampende familievete aan het verhaal vast.