Sluitingsdatum meinummer -> 17 maart
BMW K100/K75: Spotgoedkoop BMW rijden
In 1983 schreef Moto73 al over de BMW K100 en K75. Ze hadden daar dus toen al kijk op klassiekers. Dat de tijd toen nog veel onschuldiger was, blijkt uit de ronkende tekst waarbij er sprake is van met meterslange telelenzen verstopt op de loer liggen spieden naar de nieuwe BMW’s. Met de ogen van vandaag zie je dat de fotograaf gewoon met een kop koffie in zijn hand en een sjekkie in zijn mondhoek om de machines heeft mogen drentelen terwijl een PR persoon M/V hem in zijn vochtige oor fluisterde.
De suggesties over de techniek worden ook wat geheimzinnig gebracht, maar lijken keurig overgepend uit het lijstje dat het journaille ter beschikking was gesteld. Fake news dus? Nee hoor: gestuurde waarheid.
Intussen was de BMW K100 indertijd hot news
De machine was natuurlijk zo groot, zwaar en snel als je van een topmodel mocht verwachten. Maar hij liet ook duidelijk zien dat de Duitsers zich niet meer blind aan het boxerconcept gebonden achtten. De BMW K100 – en de K75 – waren zo innovatief als er alleen in Europa gedacht en gebouwd kan worden. De liggende viercilinder met zijn kop aan de ene, en zijn carter aan de andere kant was een sterk staaltje van ‘out of the box’ denken. Een laag zwaartepunt en een optimale bereikbaarheid voor service en onderhoud. Prima!
Na de introductie groeiden de ‘baksteenblokken’ uit tot een verkoopsucces dat het hart was van een hele serie motoren. Maar op een gegeven moment was het nieuws er af en werden de BMW K100’s en inmiddels de K75’s door de tijd ingehaald. Het bleven fantastische motorfietsen, waarbij de K75 eigenlijk net iets lekkerder reed dan zijn grote broer. Maar niemand wilde zo’n ding meer hebben.
BMW’s voor bijna niets
Nog maar heel kortgeleden zaten de prijzen op wat intussen het dieptepunt was. ‘Tegen elke prijs’ was nog net een brug te ver, maar voor omstreeks de 800-1.000 euro had je al een ruime keuze uit BMW K100’s en K75’s. Hier twee straten verder bleek een absoluut smetteloze vroege BMW K100 met volledige onderhoudshistorie alleen interessant voor iemand die er een caféracer van wilde maken en die de eigenaar vroeg wat er nog van de prijs af kon als hij de kuip en koffers er niet bij zou nemen.
Maar de prijzen stijgen
Die tijd is intussen voorbij aan het gaan. Een nette BMW K100 of K75 koop je nog steeds voor weinig, maar je krijgt geen geld meer mee als je er eentje mee neemt. Het grappige is dat de opleving in de verkoop van deze liggende drie- en viercilinders niet eens komt omdat wij reguliere motorrijders de klassieke waarde van de ‘bricks’ zijn gaan waarderen.
Next generation
Nu zijn de kopers van deze generatie BMW’s jongere mensen die er blij van zin café racers en scramblers van maken. Het is een heel nieuwe generatie motorliefhebbers met passie, maar met beperkte middelen. Dat is dan wel weer mooi. En dat ze niet allemaal even technisch onderlegd zijn en soms levensgevaarlijke constructies bedenken? Ach, ze zitten aan het begin van een leertraject.
Nu of nooit?
Het is voor BMW liefhebbers met visie nu dus zaak om een zo gaaf mogelijk, origineel exemplaar te scoren en dat te koesteren. Want deze ooit zo revolutionaire motorfietsen zijn in hun originele looks eigenlijk het mooist. Toch? En nu heb je nog een nette standaardfiets onder de twee mille. De rode RS van Richard Kanning uit Erica kost 1.400 euro. Inclusief origineel gereedschap van BMW, banden, noodreparatie van BMW en origineel boekje.
Dat is beschamend weinig voor een motorfiets die heeft bewezen makkelijk de twee ton te halen zonder dat er een sleutel op het blok geweest is. Bij normaal onderhoud zijn deze machines onverwoestbaar. Bij dit exemplaar moet je dus even wat zakgeld achter de hand houden voor olie, filters en een keurig beurtje. Maar dan nog….
Blijft dat je wel moet opschieten met de aanschaf van je K100. Hier en in Duitsland vind je nog mooie RS en LT modellen. Maar over de hele linie worden ze massaal verzaagd tot caféracer, scrambler, bobber en meer van dat soort hobbywerk. De rode op de foto staat hier net over de grens te koop omdat zijn eigenaar de dierenartskosten voor de reparatie aan zijn kat moet betalen 🙁
Hij blijft met de kater zitten
Bent u al abonnee? Auto Motor Klassiek staat elke maand weer vol met boeiend leesvoer over oldtimers, artikelen die trouwens niet dezelfde zijn als op de website.

Stinkt naar degelijkheid die BMW K, ook wel The Brick genoemd.
Mooie techniek en die cilinderkoppen helemaal. Ergens in 1989 was er een handige knutselaar die erachter kwam dat drie van de kopbouetn kwa positie precies oevreen komen met een motorblok van een classic mini. Een bijzonder Frankenstein modificatie ten behoeve van de eeuwige jacht naar extra pk’s was geboren.
Zelf heb ik een K100RS kop met 16 kleppen op mn tot 1380 cc uitgeboorde mini motor staan. Poaah, wat loopt dat.
Kop in Apeldoorn gekocht Bart?
Groeten, Charly.
De K-serie was altijd wel omhult met mystiek bij de introducties. Spionage foto’s, sneak previews, De eerste K’s bij onze lokaal BMW dealertje werden gebracht door vlgs mij Greenib. 2 stuks kwamen ‘gewoon’ aanrijden door de mannen van de importeur en werden opgehaald en de 2 K’s bleven achter. Herinner me nog die blauw verkleurde uitlaatjes, logge tellerbak, typisch tekenend voor dit model. Vooral boxers gereden, de zgn. oilheads, maar ook een K75s, de mooiste, fijnste en toch… best wel snel! Mijn motormaatje had bijvoorbeeld een Guzzi 1000 Daytona 8v, en in zijn kielzog 225km/u, vlak op de tank en vinger op de startknop bleef ik hangen! Foefje: LE-jetronic verrijkt als je de startknop indrukt terwijl de motor draait. Het kunnen meedraaien van de starter is door het motormanagement beveiligd, maar blijkbaar gaf het extra peut icm een K&N en de ‘meewind’ mijn triple de boost.
Mijn oudste zoon Joost heeft een k75 in zijn oude 2-takt Saabje ingebouwd voor dagelijks en betrouwbaar vervoer,het klinkt als een 3-cyl .2takt,waarmee laag in toeren gereden wordt, en optisch is er niets te zien,gewoon een oud Saabje,maar sneller,zuiniger,en betrouwbaarder!
Wat een fantastisch idee Graag een fotootje naar dolf.peeters@xs4all.nl!!!
Mijn eerste kennismaking met de K75 was medio 1985, ik werkte bij de motordienst van de gemeentepolitie Dordrecht. Op slag verliefd. Het geluid alleen al. En niet kapot te krijgen, zelfs niet als dienstfiets. Steenkoud blok, spoedbegeleiding Dijkzigt, no problemo. 95.000 probleemloze kilometers.
2500 km met een achterband… Heb er nu 2 in de schuur staan, een RT en een C (omgebouwd naar hoog stuur). Simpel onderhoud, olie, filters (K&N luchtfilter) bougies, kleppen stellen (verlopen bij normaal gebruik bijna niet) doe ik zelf. Als het echt technisch wordt heb ik een maat die bmw monteur is. En tijdloze vormgeving, na 40 jaar nog steeds een moderne look. Deze gaan mee tot het bittere einde.
Langdurige relaties zijn het best!
Niks dan lof over de k’s.
Spotgoedkoop te onderhouden en te berijden.
Mijn eerste een k100rt ging de deur uit met net geen 400.000(!) Km. Mijn tweede, een k75rt draaide in brokken op 298.000km. gat in zuiger van de laatste cilinder. Mijn huidige k75rt heeft nu 330.000km en oplopend want die wordt zeer vaak bereden.
Naast mijn collectie oude boxers staat nog een K1 in absolute nieuwstaat ter bewaring, een naakte 75 in even smetteloze staat, en een k100rs van de eerste generatie, ook in quasi nieuwstaat. Dat zijn er dus minstens 3 die niet zullen verprutst worden als soort van ‘cafescrambobber’, of hoe moet je dat soort noemen.. Hoe dan ook, de k serie is fantastisch. Ook al heeft een boxer meer karakter. Ik rijd heel vaak mijn oude boxers ook, maar naar betrouwbaarheid, onderhoud en zuinigheid gaat niets boven de k (100 en 75).
Ik denk dat ik er weer te laat bij ben. Maar ach: de garage is al vol. Grappig: kort geleden sprak ik met Theo Terwel over de tijd dat een perfecte K1 niet meer dan 3 mille op bracht. Dat is snel veranderd! Vasthouden die schatten!
Dat ben je zeker, Dolf. Zo vindt je ze ‘niet’ meer :
Vanaf 1984 rijd ik de BMW K-serie met veel plezier. De K 100 RS heb ik 3 x gehad, laatste was de 16-klepper. Vervolgens K 1100 RS en K 1200 RS (2 x), totdat de “vliegende baksteen” uit productie ging. Via de K 1200 R Sport naar de K 1600 GT, waarvan ik na 11 jaar de 4e in bestelling heb. Altijd al een fan geweest van de BMW Multi cilinders!
Multi is top. Maar wat zijn zes cilinders er veel!
Ieder zijn meug. Je vindt hem mooi, je vindt hem lelijk of je bent er onverschillig over. Hoe dan ook is de K serie (‘K’ van ‘Kompakt’ een succes geworden. De vierpitter was tamelijk zwaar en zo kwam er op wens van de NL politie een daarvoor bedachte, wat lichtere driepitter. Althans, zo de informatie die mij indertijd bereikte. De K75 was niet de snelste van het hele K span maar hij liep als driepitter qua gedrag wel als de spreekwoordelijke turbine. Oh wat liepen die dingen toch mooi. Maar dat is natuurlijk weer kwestie van smaak. De K-serie kreeg bij de oosterburen ook wel het koosnaampje ‘der pfeifende Ziegelstein’ vanwege dat vierkante blok dat zo’n markant fluitend geluid voorbracht door die primaire aandrijving. Hij werd bedacht als de gedroomde de opvolger van de boxer. De ‘boxerista’s’ vonden het maar niets en zo kregen de boxers hun opvolgers. Iedereen blij? Nou ja….De K was in elk geval een blijvertje en ook die kreeg opvolgers. Ieder zijn meug en voor ieder wat wils. De Spaanse coureur Carlo Carduz reed met een K100 redelijk kansloze races. BMW wilde echter niet veel daarvan weten. Nadat hun aan het verstand gepeuterd was dat dit een wel erg slechte reclame zou betekenen, zetten technici van BMW, gewapende met materiaal en software, koers naar Spanje en implanteerden hun spullen en software in het hart van Carduz’ fluitende baksteen waarna hij fluitend de zegetocht inzette en het kampioenschap won. Niet slecht voor zo’n ‘lèlluk ding’. Zulks is mij als boxer adept van een boxer dusver nog niet bekend.
Mooie info! Leuk die NL politie link!
Mijn K100RT uit 1986.
Eigenlijk de 2e serie, al wordt dat niet echt zo genoemd een fijne heerlijk rijdende motor. Zo overgenomen van schoonpa, gewoon gebruikt in weer en wind….
Maar nu nog steeds in gebruik, als is dit niet meer t gehele jaar door als woon werk, maar om fijn te genieten als een praktiesche motor. Nix verouderd nog oud bollig. Gewoon doen waar ze voor gemaakt is. Toeren.
Deze dame
Wij zijn de simpele soort. Dat is een zegen!
Je boft met je schoonpapa!
Na 10 jaar een bmw r100rs gereden wilde ik een wat modernere motor, een knalgele k75rt, heerlijke motor, maar net een naaimachine, er zat totaal geen emotie bij.
Na een jaar weer ingeruild voor een r100gs, deze heb ik ondertussen 22 jaar.
Was leuk om even op te rijden, maar niet meer dan dat.
Zo ken ik er meer. Boxers zijn echt anders
Ik heb sinds 2010 een K100LT. Wilde hem al hebben toen ik 18 was maar toen waren ze net op de markt en onbetaalbaar. Voor mij is het een erg fijne motor: goede bescherming tegen de elementen, veel ruimte om bagage kwijt te kunnen en ergonomisch helemaal op mijn lijf geschreven.
Helaas staat ze door priveperikelen en een hok vol veel te veel andere motoren al weer een jaar of wat stil. Dit jaar moet ze maar weer rijden en laat ik de andere projecten even voor wat ze zijn.
Wat een lèlluk ding! Geluid ook!
Als je er op zit zie je hem nauwelijks!
Tsja…De K-serie..
Alom verguisd om zijn saaie vierkante en afwijkende vorm en techniek, geprezen om zijn onverwoestbaarheid.
Geliefd onder een zeer select publiek, en gewild bij het knotjesgilde vanwege betrouwbaarheid en vooral betaalbaarheid.
En dat voor een echte BMW…
Dood- en doodzonde dat al die bakstenen en oude boxers in handen van prutsers worden gecastreerd en gemolesteerd, meer kan ik er niet van maken.
Tis inderdaad doorgaans van sneu tot erg sneu. Maar smaken verschillen nu eenmaal. En het is goed voor de onderdelenvoorziening van origineel spul