Artikelen

Rover P5B Coupé. Pionier van stand

By  | 

Noem vandaag de dag een auto binnen het exclusieve 4 deurs coupé segment en het eerste dat in u op zal komen is de Mercedes-Benz CLS, een BMW 6 Gran Coupé of de Audi A7. Het niche-achtige marktgebied bestaat al langer, om precies te zijn vanaf 1962, toen de Rover P5B Coupé introduceerde. Misschien is het wel één van de mooiste auto’s ooit gebouwd. Daarom zijn wij blij dat Bart Spijker graag mee wilde werken aan een reportage. Want hij hééft de Rover P5B Coupé. Juist, die met de befaamde en oersterke Rover V8 motor. Het werd een indrukwekkende ervaring, die gepaard ging met bijzondere verhalen.

We publiceren deze artikeltjes gratis, en willen dat natuurlijk ook blijven doen. Maar u begrijpt dat dat voor ons niet gratis is. Ondersteunt u dit initiatief en waardeert u het? Overweeg dan eens een abonnement op Auto Motor Klassiek. U helpt ons dan niet alleen de gratis initiatieven betaalbaar te houden, maar ontvangt als bonus ook nog eens elke keer een AMK in de bus. En u betaalt nog maar € 3,30 per nummer in plaats van € 4,99. Elke maand goed voor uren leesplezier.

Allereerst de geschiedenis van de Rover P5. In 1958 werd de statige Rover P5 op Earls Court geïntroduceerd. Met het nieuwe vlaggenschip van Rover keerde Solihull terug naar de bovenste regionen van de automarkt. De grote en statige Rover zat oer solide in elkaar en werd (later) het favoriete transport van Britse premiers en royalty’s, zoals Queen Elizabeth II en Margaret Thatcher.

Ontworpen door mannen van statuur

De P5 kreeg werd getekend door David Bache, terwijl de monocoque body (de eerste van Rover) werd ontworpen door Spen King en Gordon Bashford, mannen van statuur die ook belangrijk waren bij de ontwikkeling van de latere Range Rover. De P5 debuteerde met een 2995cc-versie van de befaamde inlaat-over-uitlaat motor. Die nam Rover voor het eerst bij de P3 in gebruik. De motor in de P5 was feitelijk een doorontwikkeling van de 2.6 liter motor uit de P4, die nog sterk leunde op het concept dat in de aloude P3 debuteerde. De P5 werd continu fijn geslepen, met upgrades als de krachtigere ‘Weslake Head’-versie.

De komst van de Coupé

Een hoogtepunt was de komst van de prachtige coupé, die al bij de 1958 introductie van de P5 was geschetst door David Bache. De coupé kwam pas in 1962 als eerste vierdeurs coupé op de markt. De wijziging van 1967 was voor de P5 en de P5 Coupé een belangrijke, toen de aangepaste ex-Buick V8 (Buick 215 engine, 3532 cc) in de P5 debuteerde. Vanaf dat moment heette deze Rover P5B. De B stond daarbij voor Buick. Dankzij ingenieuze aanpassingen was de motor krachtiger en zuiniger dan de met pensioen gestuurde 3 liter versie. De P5B eindigde zijn loopbaan met de 3.5 liter motor in 1973 als P5B, mede omdat British Leyland -waar Rover inmiddels toe behoorde- het intern concurrerende Jaguar gamma voorrang gaf in de ontwikkelingstrategie. In totaal werden van alle P5 versies 69.141 exemplaren gebouwd,de Rover P5B Coupé Coupé had met 9.099 (stuks) een belangrijk aandeel.

De Rover P5B Coupé van Bart Spijker, een mooi verhaal

En zo’n auto heeft Bart Spijker dus. Hij kocht zijn Rover P5B Coupé uit 1969 in 2001, na een zoektocht via verschillende kanalen. Het verhaal over de auto, de historie ervan en de aanleiding voor de koop zijn in meerdere opzichten bijzonder. Inmiddels is de eigenaar een paar restauraties verder en ziet zijn Rover er prachtig uit. Niet alleen cosmetisch is het een fraaie verschijning, ook in technisch opzicht staat de rechts gestuurde Rover met de fijne 3532 cc motor er goed op, zo merkten wij tijdens de reportage.

Rover P5B Coupé

 

Nu in de winkel, het julinummer

BMW 318i, Fiat 500 Abarth, Chevrolet Fleetmaster

Auto Motor Klassiek van juli ligt nu in de winkel. Dus snel naar de boekwinkel voor een nieuw nummer. Voor maar 4,99 een garantie voor zeker een paar uur leesplezier.

Lekker zomers prijkt op de omslag de BMW 318i cabriolet van Femko de Jong. Hij bracht de auto tot in perfectie. U leest er alles over in nummer 7.

Erg interessant vinden we zelf de ombouw van een Chevrolet Fleetmaster naar een custom. Dat is niet zomaar klakkeloos gedaan. Het was een echt ingrijpend project. Zelfs de klompen van de eigenaar moesten eraan geloven. Ook de restauratie van de Fiat 500 waarvan in dit nummer een verslag, zou je onder de noemer custom kunnen scharen. De auto was in erbarmelijke toestand, dus een intensieve restauratie volgde. Eigenaar Henrique Linde gaf er meteen een eigen 'Abarth'-draai aan. Wij vonden het resultaat meer dan geslaagd. Hendri Kampherbeek heeft zijn hart gegeven aan Peugeot. Zelfs wanneer deze voor de tweede keer onder handen moet worden genomen. Zijn Peugeot 405 mi16 kocht hij met een kapotte motor en na de restauratie was het weer bijna mis.

Natuurlijk worden alle auto- en motorverhalen weer voorafgegaan aan tientallen pagina's met korte berichten, vanaf praktische tips tot en met historie, klassiekers die we onderweg tegenkwamen en diverse columns waar het hebben van een klassieker, het sleutelen aan een klassieker en zelfs het hobbymatig handelen van klassiekers centraal staat. Bovendien natuurlijk ook rond de veertig pagina’s met klassiekers te koop, die soms online niet eens aangeboden worden. Het perfecte leesvoer. Haal hem daarom snel in huis en neem alvast een abonnement, zodat u de volgende editie niet mist.

En verder ook nog:

  • Aprilia Moto 6.5 restauratie
  • Honda CB 550
  • Mercedes-Benz 600 Pullman
  • Herinnering aan Stirling Moss
  • Beleef de bevrijding deel 2

Meer over wat er in deze editie allemaal staat ziet u op onze pagina deze maand.

 

3 Comments

  1. Ed van der Meulen

    29 oktober, 2019 at 23:19

    Crémant de Bourgogne ? Dat is geen cbampagne hoor ! 😝 Voor de rest een prachtige auto !

    Mvg. Ed

  2. Charles

    29 oktober, 2019 at 21:08

    Britbeauty at its best. Een setje Wolfrace wielen had wellicht enkele stiff upperlips nog minzaam kunnen doen plooien.

Leave a Reply

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *