in

Pech en hulp

Motorrijden in de Randstad? Een must! Geen files, alleen dolle pret! Ook als de herfst van 2020 in december valt. En zo vertrek je dan vrijdagmiddag van uit Dieren naar Amsterdam. De Guzzi denkt er niet over na dat hij een officiële klassieker is. Hij doet gewoon braaf waar hij voor geleerd heeft. Hij is oud en moet gewoon werken voor de kost. Net als zijn baasje. En we hebben er gelukkig schik in.


Op de A12 ter hoogte van de afslag A2 hoor ik opeens het geluid van iemand die met dikke, slappe lippen ‘blubblubblub’ geluiden maakt. De altijd zo strak sturende klassieker voelt opeens aan alsof ik op een riant met pindakaas besmeerde boterham rijdt. En welke kant ik nu opga heb ik even ook niet meer in de hand. Gelukkig schiet me iets te binnen: ‘Klapband’. Dus in de verte blijven kijken en de motor vederlicht met de toppen van de pinken dirigeren. Kijk; dat gaat prima! Maar het is natuurlijk meer geluk dan wijsheid dat ik overeind blijf.

Op de vluchtstrook haal ik mijn gereedschapsset 2.0 tevoorschijn: mijn smartphone. Mijn beschermengelen landen met verstuikte vleugels op de vangrail en kijken me bozig aan. Na een uurtje in een milde regen komt er een wegenwachter. Die geeft me direct een fluo hesje. Zo’n ding waarop gefrustreerde pedaalemmerridders beter kunnen mikken. Er zijn 2 motorfietsen en drie motorscooters gepasseerd. Ze zwaaiden niet. Ze stopten niet.

Wegenwachters plakken geen binnenbanden meer op de vluchtstrook tijdens de spits. Mijn WegenWachter probeert nog wat motorzaken te bellen. Maar die hebben geen tijd. Ik heb geen sigaren bij me. Dat maakt me wat narrig, Ik ben niet verslaafd, maar mijn systeem kan nu eenmaal niet 100% functioneren zonder nicotine.

Het begint zachtjes harder te regenen. Elke seconde passeert er een auto. Mijn kop wordt koud. Kaalheid is een vloek. Ik zet mijn trouwe ROOF botspet op en voel me wat Willempie-achtig. Met dank aan André van Duin.

Na een uurtje komt er een lepelwagen. Er zijn intussen weer 8 motorfietsen en twee scoots gepasseerd. Een motorrijder toeterde bemoedigend. Een autodebilist deed grappig alsof hij op mij instuurde. De berger zegt dat hij de verwarming in zijn auto al hoog heeft gezet. We sjorren de motor aan dek.

De berger is blij met ouwe Cali II. Het ding is tenminste met goed fatsoen vast te sjorren zonder dat er allerlei plastic breekt. De doorleefde Guzzi wordt in Utrecht bij de ANWB op het parkeerterrein gestald. Zaterdag hebben we eerst een crematie. Pas daarna kunnen de Guzzi repatriëringplannen beademd worden. Mijn lokale dumpdealer Gekra Motors wordt gebeld.

Gerrit hoort mijn verhaal aan en zegt dat ik zijn aanhanger niet nodig heb. Hij moet zondag toch naar Utrecht en pikt mijn motor wel even op. Dat is tekst.

Mijn tweede belronde is naar Teun Beuzel in Lochem. Daar ben ik al jaren een klant waar Teun weinig aan verdient. Hij hoort mijn huilverhaal aan en concludeert: ”Dat wordt te moeilijk. Ik druk wel een bandje om een gebruikt wiel. En morgen heb ik bij jou in de buurt een verjaardag. Oh ja; er ligt hier nog een stel handschoenen van je.”

Mooi is dat.


Help ons mee deze website en de aangeboden artikelen gratis te houden. Abonneer uzelf op Auto Motor Klassiek en ontvang daarbij ook het blad 12x per jaar in de bus. Of doneer een gewenst bedrag op onze betaalpagina via deze link. We zijn u er zeker dankbaar voor.


Beste Klassiekerliefhebber

Geniet van dagelijks gratis verhalen over oldtimers in uw email en schrijf gratis in. 


11 Comments

Leave a Reply
  1. Vroeger……… hing men een gele das aan het stuur om aan te geven dat men pech had. Mijn ervaring is dat er nu vaker op het mobieltje of de tomtom de weg gezocht wordt of de route wordt aangepast. Ik rij meestal, als het kan, nog wel even terug; wordt ook op prijs gesteld ook al heeft men geen pech; overigens rij ik ook terug als een baksteen, een groot stuk hout op de rijbaan ligt.Dan blijft de wereld toch mooi?

    • De gele sjaal (overigens ooit eens bedacht door Ernst Leverkus en co) was pas hoofdstuk 2. Daarvoor stopte je gewoon als je een motor langs de kant zag staan, daarover was geen discussie mogelijk. Stoppen heeft ook zin als je denkt toch niet te kunnen helpen, al was het alleen maar om je mobiel even ter beschikking te stellen omdat dat ding bij de pechvogel toevallig leeg is.
      Wij kwamen ooit op de terugreis van Kreta in de buurt van Freiburg zonder benzine te staan. Al lopend stopte er een Franse motorrijder, vroeg wat er aan de hand was en gaf weer gas. Het stoom kwam uit mn oren! Even later stopte de dezelfde man met een kannetje benzine op zijn tanks gesjord. Hij bood zijn excuses aan dat het zolang had geduurd. Hij had tientallen km’s moeten omrijden. Met de vermelding dat hij haast had ivm een afspraak gaf hij weer gas…
      Als je dergelijke dingen meemaakt laat je niemand meer staan!

  2. Lijkt wel een verhaal van mezelf. Een paar jaar geleden dichtbij Rotterdam een lekke achterband met eega achterop bij 100km/u. De boel netjes overeind kunnen houden. Na signalering door de politie door de opraapwagen van rijkswaterstaat van de weg gehaald en bij Motoport Rotterdam neergezet.
    Daar naar binnen voor een actie binnenband 4.00-18 (of 120/90-18) vervangen.
    Ze wisten niet of ze die hadden, ze wisten ook niet of ze tijd hadden om die te wisselen. Weet u wel hoe lastig dat is, meneer, zo’n achterband verwisselen??? Ja, dat weet ik, ik wil het wel even voordoen, hoor. Dat mocht niet. Daar was het te druk voor. (1 andere klant). Uiteindelijk zijn we door een familielid opgehaald. En heb ik tegenwoordig plakspullen bij me. Zogenaamde collega-motorrijders rijden inderdaad gewoon door. Ik doe dat ook. Voor oud spul stop ik overigens wel, hoor Dolf. Voor nieuw niet, ik kan er toch niets mee, zelfs de accu zit vaak ingebouwd zodat je er niet bij kunt, of hij zit links achter en opzij, ingeklemt tussen koelkastje en magnetron.
    Wat ons wel opviel: de ANWB is niet te bellen op de vluchtstrook met een mobiel, ik versta er tenminste geen klap van. Er wat vandaan lopen ging in ons geval niet, we zaten tussen 2 wegen ingeklemt, dus goed dat oom agent zo oplettend was en stopte voor ons. Hulde!

  3. Tja. Klinkt idd meer als het liedje 🎵 OPZIJ OPZIJ OPZIJ, maakplaats maakplaats maakplaats etc.
    Denk dat je aan zo’n spuitbus die ik altijd in de auto heb ook niet veel zou hebben gehad.
    Misschien een rugzakje met een thermoskan koffie?

      • Euh,,,,Diversion.
        Maar ik stop wel. Dat vind ik ook fijn als ik eens kom te staan met mijn Royal Enfield van 1939.
        Is trouwens maar één keer gebeurt.

        • Had ik kunnen weten! Ik heb een winter op een keurige 600 gereden. Kostte me 1 euro per cc. Twee keer mee omgevallen. Als Guzzirijder was ik gewend de jiffy uit te schoppen. Bij ‘klonk’ liet ik de Guus vallen en dan stond hij. Het duurde even voordat ik doorhad dat de ‘klonk’op de Diversion kwam als hij na het uittrappen direct weer inklapte. En als je hem dan laat vallen… Laat maar.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

The maximum upload file size: 8 MB. You can upload: image. Links to YouTube, Facebook, Twitter and other services inserted in the comment text will be automatically embedded. Drop files here

Toyota rallyhistorie. De vergeten WRC overwinningen (Mikkola-Aho, 1975)

Opel Omega: Een eerlijke en heerlijke wereldwagen