Artikelen

Onder de kap gekeken: een Porsche 911 2 liter (1964-1970)

By  | 

Onder de kap gekeken: een Porsche 911 2 liter (1964-1970).Vroeger gebruikten mannen hun zachte kant om op te zitten en was het nodig om techniek te snappen en te beheersen. Vroeger waren auto’s basale rij machines die niet door hun assen hingen vanwege alle elektronische hulpsystemen en digitale assistentjes. Vroeger waren er Porsche 911’s 2 liter.

Roische style: eenvoudig maar effectief

En onder de motorkap van zo’n Porsche, zo’n ADHD’er met zes cilinders is het leven overzichtelijk. Mannelijk stoer, nadrukkelijk mechanisch technisch en daarom juist zo overzichtelijk. We zien de ventilator, twee enorme luchtfilters en de carburateurs. Die carburateurs zijn de mooist vormgegeven stukken technisch erfgoed. Met een beetje technisch inzicht snap je direct welk heveltje wat doet met welke gasklep. Het stangenstelsel dat de twee gasfabrieken koppelt is hartveroverend in zijn slimme eenvoud. Kom daar maar eens om bij een CDI unit en een inspuitsysteem. Plestik doosjes en stekkerblokken. Wie is daar ooit opgewonden van geraakt? Ongelooflijk dat die techniek 1.0 een auto zo snel en dynamisch kan maken. Hoewel: alles wat er nodig is zit onder de blauwe motorkap. Niets meer.

 

Duitsers doen niet aan design

Italianen denken in schoonheid. Functionaliteit, bereikbaarheid, betrouwbaarheid? Dat zijn dingen voor mensen zonder passie! Duitsers zien dat anders. Dat kwam net al ter sprake. Bij Duitsers gaat het er over dat iets moet werken. En dat met zo min mogelijk franje of versiering. Die ventilator ziet er bijvoorbeeld uit als iets uit het stoomtreinen- of scheepvaartmuseum. Het ding zit met de oervader van alle klembanden aan het motorblok geketend. Denk: ‘Praxis of Hornbach’, niet aan Brezan. De aandrijfriem voor de fan ziet er ook gewoon uit omdat hij zijn werk nu eenmaal moet doen. De originele bestickering op de koeltunnel, de venturi, geeft het geheel nog een beetje cachet.

Maar met weinig fantasie is het ding ook gewoon voor te stellen in het tochtvenster boven het keukenraam. En of de katoen omwikkelde brandstofslangen E10 bestendig zijn? Dacht het niet! Toch is deze machinekamer er eentje waar in hard gewerkt wordt. De hele auto is rally klaar gemaakt en is klaar voor de meest harde inzet. En dat zo’n vlakke zescilinder het daarbij op zijn kenmerkend mechanische manier uit huilt? Gewoon de zweep er over en gaan. Natuurlijk wel nadat de techniek de tijd heeft gehad op temperatuur te komen. In een Porsche 911 blok zit al gauw een liter of acht motorolie.


Niet voor langdurige minima

Want de de revisie van een vlakke Porsche zescilinder is duur. Overigens is een goede Porschemotor een toonbeeld van betrouwbaarheid. Twee ton+ aan probleemloze kilometers is geen uitzondering. De kettingspanner van de distributie kan wat gaan klapperen en de asjes van de gaskleppen hebben bij een origineel blok de neiging tot wat onverwacht snelle slijtage. Een te hoog oplopende olietemperatuur kan aan zoiets simpels als een (uitwendig) vervuilde oliekoeler liggen. Aan de bakkant kan de synchronisatie soms een pijnpunt zijn. Bij ons fotomodel kan de boord elektriek geen problemen geven. De gesnoeide kabelboom is riant voorzien van AMP stekkers. Op een rally auto is absolute fabrieksoriginaliteit niet nodig. Optimale bereikbaarheid en gebruiks – of reparatiegemak – wel.

Het origineel leverde 130 pk. Over het vermogen van deze woesteling wordt wat vaag gedaan. Maar zelfs een standaard ‘oer’ Porsche 911 was een machine die qua wegligging op de randen van het onbetamelijke was. Deze Porsche 911 met zijn korte wielbasis en zijn opgepepte zescilinder moet dus wel een berijder vragen met een bovenmodaal gevoelige gasvoet, razendsnelle reacties en een groot hart.

Met dank aan Tinga Classic Car Service, Leimuiden.

suggestiebanner

Ook leuk om te lezen…

Nu in de winkel

Auto Motor Klassiek van februari ligt nu in de winkel met deze maand een uitgebreid artikel over de Taunus 12M P4 van Fokke Jansma uit Wijnjewoude. Een opmerkelijk goed geconserveerde klassieker, die een bijzondere ontwerpgeschiedenis heeft. We mochten ook rijden in een tot in het kleinste detail perfecte Triumph 2000 Roadster. Hoe dat aanvoelt? U leest het in het februarinummer. Mocht u ooit van plan zijn een Opel Senator aan te schaffen, dan is het goed dat u dit nummer in huis heeft, want Aart van der Haagen doet uitgebreid uit de doeken, waar u dan rekening mee moet houden. Het een en ander aan aankooptips vindt u ook bij het artikel over de Citroën Dyane. Een auto die we troffen met zijn eigenaar op een terras tijdens een werkoverleg.

En verder:

De restauratie van een Nimbus Model C en een Norton M50. Waarom er zo weinig Opels over zijn? Dat leest u ook in dit nummer. De liefhebberij van een in Spanje wonende Nederlander, die ook geldt als dé specialist voor de Fiat 130. En ook in dit nummer; bijna dertig pagina’s korte berichten, verslagen, praktische tips, columns en korte typebeschrijvingen. Bovendien natuurlijk ook meer dan veertig pagina’s met klassiekers te koop, die soms online niet verder aangeboden worden.
ABONNEER NU EN MIS HET VOLGENDE NUMMER NIET MEER

Dolf Peeters

Dolf Peeters, automotive journalist, tekstschrijver, vertaler, lid van de Heeren van Arnhem

Leave a Reply

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *