Artikelen

De Fiat 500.

By  | 

Fiat gaf in het midden van de jaren vijftig de opdracht om een model ónder de Fiat 600 te ontwerpen. Het resulteerde in een auto die vandaag de dag ongekend populaire klassieker is: de Fiat 500. Aanvankelijk sloeg het ontwerp van de nieuwe en betaalbare Fiat niet aan. Uiteindelijk bleek Fiat zichzelf- na een aantal belangrijke modificaties- te overtreffen. De 500 werd alsnog door een groot publiek omarmd.

We publiceren deze artikeltjes gratis, en willen dat natuurlijk ook blijven doen. Maar u begrijpt dat dat voor ons niet gratis is. Ondersteunt u dit initiatief en waardeert u het? Overweeg dan eens een abonnement op Auto Motor Klassiek. U helpt ons dan niet alleen de gratis initiatieven betaalbaar te houden, maar ontvangt als bonus ook nog eens elke keer een AMK in de bus. En u betaalt nog maar € 3,30 per nummer in plaats van € 4,99. Elke maand goed voor uren leesplezier.

De ontwerpers namen kostenbesparing als uitgangspunt. Men koos voor een achterin gemonteerde tweecilinder motor (verticale twin) met een minimum aantal componenten. Ook kozen de constructeurs ervoor, om zo weinig mogelijk losse plaatdelen te integreren binnen het ontwerp, dat onder meer een lang (oprolbaar) canvas dak kende. De Nuova 500 werd in juli 1957 voorgesteld en werd overwegend enthousiast onthaald door de pers en het publiek. De minuscule 479 cc-motor genereerde ongeveer 13 pk, net genoeg om een maximumsnelheid van 85 km/u te halen.

Moeizame commerciële start

De commerciële start van de Nuova 500 verliep moeizaam. De eerste modellen kenden bijvoorbeeld geen achterbank, en ook het vermogen van de bijzonder Spartaans uitgeruste 500 kreeg de handen niet altijd op elkaar. Dit veranderde toen men in 1958 aan Carlo Abarth vroeg om een sportversie te ontwerpen die de 500 aantrekkelijker zou maken voor een jong publiek. De 500 Sport met 499,5 cc ontwikkelde 21,5 pk en haalde hierdoor een topsnelheid van 105 km/u. De aanpassingen van 1959 zorgden voor de echte doorbraak. In 1959 kreeg de 500 iets meer comfort. Belangrijk was ook de stap om de ruimte achterin de vergroten. Dat gebeurde door de bodemplaat te wijzigen en meer ruimte voor de voeten te creëren.

Diverse wijzigingen: de 500 D en 500 F

In 1960 werd de 500 D gelanceerd, met onder meer de 499,5 cc motor die ook zijn weg vond in de 500 Sport. De verkoopcijfers van de 500 bleven stijgen. Vijf jaar later stelde Fiat de sterk herziene 500 F voor. Het koetswerk was vrijwel identiek aan dit van de 500 D. Toch waren bijna alle componenten anders. Verder kreeg de 500 D minder chroom en was hij onder meer duidelijk herkenbaar aan de deuren die vooraan scharnierden.

Dominant in verkoop, nieuwe klantbehoeften

De Fiat 500 bleef de Italiaanse autoverkoop in de jaren zestig domineren, maar de klanten werden wél veeleisender op het vlak van luxe. Ook daarom lanceerde Fiat in 1968 de 500 L (Lusso). Deze luxe variant onderscheidde zich door de toepassing van buisvormige verchroomde bumperdelen, andere wieldoppen en chroomlijsten rond de voor- en achterruit.

Eindfase en de komst van de Fiat 126

Hoewel de 500 nog altijd succesvol was- met een verkooppiek in 1970- werkte het wél aan een opvolger voor de inmiddels verouderende 500. Fiat ontwikkelde de hoekige 126, die klein van stuk was maar aanmerkelijk ruimer dan de 500. Uit de 499,5 cc motor van de 500 werd voor de 126 de 594 cc krachtbron ontwikkeld. En die vond -in getemde vorm- ook zijn weg naar de laatste 500 berlina-variant: de Rinnovata, kort gezegd de 500R. Deze was aan de buitenkant herkenbaar aan het langwerpige FIAT-logo op het voorpaneel én de 126-velgen. De productie werd op 1 augustus 1975 stopgezet. In totaal bouwde Fiat rond 3,2 miljoen reguliere exemplaren van de 500 in berlina trim.

Multifunctioneel: de Giardiniera

De Fiat 500 vormde óók een uitstekende basis voor tal van varianten. Zo vond Fiat in de jaren zestig  ook een antwoord op de groeiende behoefte aan ruimte en multi-inzetbaarheid. Het creëerde de 500 Giardiniera, een stationcar versie van de 500, die feitelijk de Topolino Belvedère opvolgde. De 500 Giardiniera werd vooral geliefd bij ondernemers. De ontwikkelingen gingen gestaag verder. In 1965 werd de productie van de 500 Giardiniera overgebracht naar de Autobianchi-fabriek in Desio, waar men de Bianchina maakte. Tot 1968 werd deze onder Fiat-logo verkocht, daarna werd hij als Autobianchi Bianchina Giardiniera verkocht. Hij werd gebouwd tot 1977, ook als bestelwagenversie (Fourgone, zonder zijruiten achteraan).

Licentiebouw en variaties op een thema

Verder werd de Fiat 500 in meerdere landen in licentie gebouwd en kreeg hij in die hoedanigheden een eigen identiteit mee. De bekendste licentie varianten zijn de Duitse NSU-Fiat Weinsberg 500 Limousette en de Oostenrijkse Steyr-Puchs. In de Steyr varianten werden ten opzichte van de Fiat afwijkende motoren geplaatst. De Fiat 500 was ook meermaals de basis voor gepersonaliseerde versies: Giannini, Moretti, Zagato Lombardi en Abarth zorgden voor technische aanpassingen, terwijl Vignale, Savio, Ghia, Pininfarina, Lombardi, Boano, Viotti en Allemano unieke coupé- en cabrioversies bouwden. De meest bekende afgeleiden waren de Bianchina modellen van Autobianchi. CAP en Ferves gebruikten de 500 om er een off-road 4×4-versie van te maken. Het geeft aan dat de unieke en doordachte Fiat 500- ondanks dat hij klein van stuk was- grote variatiemogelijkheden bood. Een icoon. En dat is het.

Tijdens de Antwerp Classic Salon, die van 3 tot en met 5 maart in de Antwerp Expo wordt gehouden, staat het jubileum van de Fiat 500 als één van de thema’s centraal.

 

Nu in de winkel, het julinummer

BMW 318i, Fiat 500 Abarth, Chevrolet Fleetmaster

Auto Motor Klassiek van juli ligt nu in de winkel. Dus snel naar de boekwinkel voor een nieuw nummer. Voor maar 4,99 een garantie voor zeker een paar uur leesplezier.

Lekker zomers prijkt op de omslag de BMW 318i cabriolet van Femko de Jong. Hij bracht de auto tot in perfectie. U leest er alles over in nummer 7.

Erg interessant vinden we zelf de ombouw van een Chevrolet Fleetmaster naar een custom. Dat is niet zomaar klakkeloos gedaan. Het was een echt ingrijpend project. Zelfs de klompen van de eigenaar moesten eraan geloven. Ook de restauratie van de Fiat 500 waarvan in dit nummer een verslag, zou je onder de noemer custom kunnen scharen. De auto was in erbarmelijke toestand, dus een intensieve restauratie volgde. Eigenaar Henrique Linde gaf er meteen een eigen 'Abarth'-draai aan. Wij vonden het resultaat meer dan geslaagd. Hendri Kampherbeek heeft zijn hart gegeven aan Peugeot. Zelfs wanneer deze voor de tweede keer onder handen moet worden genomen. Zijn Peugeot 405 mi16 kocht hij met een kapotte motor en na de restauratie was het weer bijna mis.

Natuurlijk worden alle auto- en motorverhalen weer voorafgegaan aan tientallen pagina's met korte berichten, vanaf praktische tips tot en met historie, klassiekers die we onderweg tegenkwamen en diverse columns waar het hebben van een klassieker, het sleutelen aan een klassieker en zelfs het hobbymatig handelen van klassiekers centraal staat. Bovendien natuurlijk ook rond de veertig pagina’s met klassiekers te koop, die soms online niet eens aangeboden worden. Het perfecte leesvoer. Haal hem daarom snel in huis en neem alvast een abonnement, zodat u de volgende editie niet mist.

En verder ook nog:

  • Aprilia Moto 6.5 restauratie
  • Honda CB 550
  • Mercedes-Benz 600 Pullman
  • Herinnering aan Stirling Moss
  • Beleef de bevrijding deel 2

Meer over wat er in deze editie allemaal staat ziet u op onze pagina deze maand.

 

1 Comment

  1. Pingback: Museum of Modern Art neemt Fiat 500 F op in collectie - Auto Motor Klassiek

Leave a Reply

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *