Artikelen

Fiat 125. De Italiaanse volume sportsedan bestaat 50 jaar

By  | 

In de tweede helft van de jaren zestig ondergaat het sedangamma van Fiat een grondige vernieuwingskuur. In het middensegment lanceren de Italianen in 1966 de Fiat 124, een jaar later volgt de hoger gepositioneerde en grotere Fiat 125. En die combineert moderniteit met conventionele techniek. Toch wordt hij gedurende zijn looptijd steeds vaker als revolutionair beschouwd.

We publiceren deze artikeltjes gratis, en willen dat natuurlijk ook blijven doen. Maar u begrijpt dat dat voor ons niet gratis is. Ondersteunt u dit initiatief en waardeert u het? Overweeg dan eens een abonnement op Auto Motor Klassiek. U helpt ons dan niet alleen de gratis initiatieven betaalbaar te houden, maar ontvangt als bonus ook nog eens elke keer een AMK in de bus. En u betaalt nog maar € 3,30 per nummer in plaats van € 4,99. Elke maand goed voor uren leesplezier.

De Fiat 125 ziet in het voorjaar van 1967 het levenslicht. De door Dante Giacosa ontworpen middenklasser blijkt over een aantal bijzondere toepassingen te beschikken. Eén van de eigenschappen die de Fiat 125 op de kaart zet is de prachtige, 90 PK leverende, 1.608 cc motor met twee bovenliggende nokkenassen. De onder regie van Aurelio Lampredi ontwikkelde motor is een juweel van een krachtbron én een noviteit in het segment van de volume middenklassers. De aandrijving van de nokkenassen geschiedt door een kunststof getande riem, een toepassing die door fabrikanten steeds vaker wordt gebruikt in de jaren zestig. Op het gebied van veiligheid maakt Fiat gebruik van de steeds meer in zwang rakende kreukelzones aan de voor- en achterzijde. Ook de reminstallatie (bekrachtigd, remschijven rondom) draagt bij aan de veiligheidsbeleving.

Moderne lijnen, conventioneel onderstel

Het ontwerp van de carrosserie past bij de tijdsgeest. De koets valt op doordat krachtige lijnen, subtiele rondingen en uitstekende verhoudingen op Italiaans kunstzinnige wijze tot een smaakvol geheel zijn gesmeed. De dubbele koplampen en de subtiele afwerkingsdetails verraden karakter en kruipen subtiel onder de huid.  Het onderstel daarentegen is op oude leest geschoeid. Voorganger Fiat 1500 vormt op dit vlak het uitgangspunt. De starre as met half elliptische bladveren is één van de zaken die de 125 overneemt van zijn voorganger en daarmee wordt aan het moderne jaren zestig ontwerp een conventioneel uitgangspunt toegevoegd. Dat geldt ook voor het chassis, dat de 125 erft van zijn voorganger.

Kritiek verdwijnt naar achtergrond

De Fiat 125 wordt goed ontvangen, hoewel links en rechts geluiden te bespeuren vallen waarin Fiat gemakzucht wordt verweten. “Fiat maakt zich er gemakkelijk vanaf door onderdelen van bestaande modellen samen te smelten tot een nieuw model”, zo melden de sceptici.  Al spoedig verdwijnen die kritische geluiden naar de achtergrond vanwege een uitmuntend en luxe uitrustingsniveau, het motorkarakter, de rijeigenschappen en praktische bruikbaarheid.

Magische grens van 100 PK: de 125S

En het imago van de 125 krijgt een extra boost als Fiat in 1968 de 125 S (Special) aankondigt. Dat is niet alleen een luxere versie van de gewone 125. De S tikt door motorische aanpassingen ook de magische grens van 100 PK aan, en een dergelijk vermogen voor een viercilinder motor is in die jaren absoluut geen usance. Met de aangepaste krachtbron snelt de Fiat naar een top van 175 kilometer per uur. Om de snelheid te beteugelen monteert Fiat op de 125S het gescheiden remsysteem met dubbele servo. Tevens krijgt deze versie standaard een vijfversnellingsbak. Zaken als lichtmetalen Cromodora velgen vormen een slechts een paar van extra’s op de met lekkernijen gevulde optielijst.

603.877 Italiaanse exemplaren

De 125 ondergaat tijdens zijn loopbaan weinig uiterlijke modificaties. Wél ruimt voor modeljaar 1970 de reguliere 125 op sommige markten het veld en wordt de 125S in 1970 gewijzigd. Dat is met name zichtbaar aan de gewijzigde bumpers (zonder rozetten), de grille en de units waarin het stadslicht en de richtingaanwijzers huizen. Ook krijgt hij grotere achterlichtunits en vinden in het interieur upgrades plaats. Verder is hij optioneel leverbaar met een automatische versnellingsbak. De 125 S gaat vanaf nu als 125 Special door het leven en die wordt gebouwd tot in 1972. Dan gaat het Italiaanse 125 boek -na een productie van 603.877 exemplaren- dicht. De 132 volgt de 125 Special op, maar zal nooit de lof krijgen die Fiat met zijn voorganger heeft weten te oogsten. Sterker: de 125 wint aan bewondering nadat de wereld kennis maakt met de (helaas) ondergewaardeerde opvolger.

Licentie en eigen creaties

Elders op de wereld wordt de Fiat 125 in licentie (en in aangepaste vorm) gebouwd of simpelweg langer geproduceerd. Bekend is natuurlijk de Polski Fiat 125. In Joegoslavië rolt hij als Zastava 125 van de band. Ook in Egypte en Argentinië (tot in 1982) wordt de 125 gebouwd. Verder leent de basis van de auto zich in Italië voor een eigen creatie. De carrosseriehuizen Vignale en Moretti bouwen prachtige coupés met de sterke basis van de 125 als uitgangspunt.

 

Nu in de winkel, het augustusnummer

Auto Motor Klassiek van augustus ligt nu in de winkel. Voor maar 4,99 een garantie voor zeker een paar uur leesplezier.

Deze maand een mooie opvallende omslag. De Opel Rekord die Erwin Roosink een paar jaar geleden kocht in slechte staat en volledig restaureerde. Waarna hij als fan van de Dukes of Hazzard aan het uiterlijk van zijn Rekord een eigen draai gaf.

Verder in dit nummer:

  • Fiat 850 Familiare die na een halve eeuw overging naar de tweede eigenaar, die vervolgens beloofde de volgende halve eeuw er goed voor te zorgen.
  • Suzuki GS1000 die in de eind jaren zeventig een nieuw hoofdstuk vormde in de betrouwbaarheid en rij-eigenschappen van de Japanse supersports.
  • De Volvo 340 GL is dan misschien wel geen uniek type auto, maar met zijn 58.000 kilometer op de teller, is de inmiddels 33 jarige klassieker wel in unieke staat.
  • In het praktjkartikel leren interieur opknappen wordt een uitgedroogd leren interieur weer mooi gemaakt.
  • De Toyota Corolla Coupé GT Twin Cam 16 is de laatste tien jaar behoorlijk in populariteit gestegen. Reden voor ons er eens een reportage aan te wagen. We vonden een mooi exemplaar.
  • BMW R100 Mono. In vergelijking met een R69S of een R90S heb je zo’n ‘nieuwe’ R100RT voor wisselgeld. En je rijdt er een mooie motor mee. Een signalement.
  • De Saab 96V4 van Ad van Beurden had al wat rally's gereden, maar om hem echt optimaal te laten presteren, moest er nog het een en ander aan gebeuren. In dit nummer een verslag van de werkzaamheden.
  • In 75 jaar later opnieuw een serie foto's uit de oude doos, waarmee we even terugschakelen naar de jaren van de Tweede Wereldoorlog.

Alle auto- en motorverhalen worden voorafgegaan aan tientallen pagina's met korte berichten, vanaf praktische tips tot en met historie, klassiekers die we onderweg tegenkwamen en diverse columns waar het hebben van een klassieker, het sleutelen aan een klassieker en zelfs het hobbymatig handelen van klassiekers centraal staat. Bovendien ook rond de veertig pagina’s met klassiekers te koop, die soms online niet eens aangeboden worden. Het perfecte leesvoer, ook voor de komende vakantie. Haal hem daarom snel in huis en neem alvast een abonnement, zodat u de volgende editie niet mist.

Meer over wat er in deze editie allemaal staat ziet u op onze pagina deze maand.

 

Leave a Reply

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *