Artikelen

De eerste BMW 7-serie bestaat veertig jaar

By  | 

Oplettende lezers en bezoekers van de Techno Classica vertellen wij niets nieuws, maar wij staan toch graag stil bij het jubileum van een bijzondere automobiel. Dit jaar is het veertig jaar geleden dat BMW in de Oberklasse een zeer geduchte speler introduceerde. In mei 1977 werd de E23 geïntroduceerd, beter bekend als de eerste BMW 7-serie. Daarmee bracht BMW een automobiel ten tonele, die in alle opzichten zijn hoge positionering waar wist te maken.

De weg naar BMW’s terugkeer in de Oberklasse was in de negen voorgaande jaren geplaveid door de E3, de grote sport sedan die een eigen positie wist te verwerven binnen de exclusieve klasse. Vooral de verlengde varianten van de E3 markeerden BMW’s ambitie op hoog niveau. Het is niet voor niets dat Paul Bracq de BMW 7-serie ontwierp met de afmetingen van de verlengde E3 als uitgangspunt. Ook de motoren werden overgenomen van de voorganger. Toch werd de E23 op vele vlakken een andere auto. Het carrosserieontwerp was wulpser en volumineuzer en er werd een forse scheut comfort aan de rij eigenschappen toegevoegd. Verder was de Sharknose een duidelijk designkenmerk, dat de BMW 7-Serie een eigen gezicht gaf. Dat gold ook voor het dashboard, dat net als bij de overige jaren zeventig nieuwelingen uit Beieren functioneel ontworpen was én op de bestuurder was afgestemd.

 

Carburatiemotoren én 733i bij debuut

Bij de marktintroductie was de BMW 7-serie leverbaar als 728 en 730 (beiden met M30 carburatiemotor) en de 733i, die de krachtbron van de 3.3L overnam en een L-Jetronic injectiesysteem kreeg aangemeten. De 728 stelde het in de eerste paar jaren nog zonder transistorontsteking. De 730 en de 733i hadden deze wel. Revolutionair was ook het check-panel met tal van controlefuncties, dat zijn weg naar de 730 en733i vond. De pers was na de introductie- ongeacht de uitvoering- diep onder de druk van de E23, die aanvankelijk overigens in alle configuraties standaard met een vier versnellingsbak werden geleverd. Optioneel was op de drie debutanten een automaat van ZF leverbaar.

Modificaties, nieuwe typen

In 1979 werd het mogelijk om de E23 uit te rusten met ABS. En in september van dat jaar verscheen de 728i ten tonele. Hij volgde de 728 én 730 op. Ook de 733i werd bedankt voor bewezen diensten. Hij werd vervangen door de 732i met Bosch Motronic injectiesysteem. Ook verschenen de BMW 735i (onder meer met vijfbak en 3.430 cc) én een spaarversie, de 725i, die voor Duitse overheidsinstellingen en voor exportdoeleinden werd gebouwd.


Turbo

In 1980 werd de eerste E23 met turbokrachtbron aan het publiek getoond. De 745i beschikte over de 3.210cc motor met Turbolader en gold op dat moment als het absolute topmodel van BMW. Overigens speelden de Beieren in die jaren ook nog met de gedachte om een V12 motor voor de E23 te ontwikkelen, maar mede vanwege de tweede oliecrisis haalde dat idee in concrete vorm nooit het vooronder van de E23. Overigens plaatste BMW ook nooit een acht cilinder in de grote motorruimte van de eerste generatie BMW  7-Serie.

Facelift en verdere modernisering

Voor modeljaar 1983 kreeg de E23 enkele modificaties aangemeten. In cosmetisch opzicht ontdeed BMW de 7-serie van een duidelijk stijlkenmerk. De fijntjes gestileerde haaienneus maakte plaats voor de forsere en in rechte lijn vormgegeven nieuwe neus. Alle versies kregen nu standaard een vijfbak. In motorisch opzicht veranderde weinig, behalve dat de geblazen 745i nu de 3.430 cc krachtbron uit de 735i als basis kreeg. Verder monteerde BMW vanaf 1984- op de 735i- een katalysator. Aanvankelijk alleen in combinatie met een automatische versnellingsbak, later ook met een handbak.

Toppositie van BMW verankerd

In 1986 verdween de E23, om plaats te maken voor de nieuwe E32. Maar de eerste BMW 7-Serie had het baanbrekende werk van voorganger E3 ten aanzien van BMW’s terugkeer in de Oberklasse omgezet in een vaste verblijfplaats binnen de Oberklasse. Het was een buitengewoon goed geconstrueerde wagen. Hij wist de balans tussen volume, rijdynamiek en comfort op hoog niveau te vertalen naar een begerenswaardige status. Ook vandaag de dag is de 7 Serie -zo ervoeren wij onlangs een week lang- nog altijd een eçht subliem rijdende automobiel, die in totaal 333.093 keer werd gebouwd. De 725i was de minst geproduceerde met 923 stuks. De 728i was de meest gewilde versie met 62.908 verkochte exemplaren, op de voet gevolgd door de 735i, die 60.746 keer werd besteld.

Binnenkort leest u in Auto Motor Klassiek de reportage die wij maakten met de BMW 728 uit 1979.

 

 

suggestiebanner

Ook leuk om te lezen…

Nu in de winkel

Auto Motor Klassiek van februari ligt nu in de winkel met deze maand een uitgebreid artikel over de Taunus 12M P4 van Fokke Jansma uit Wijnjewoude. Een opmerkelijk goed geconserveerde klassieker, die een bijzondere ontwerpgeschiedenis heeft. We mochten ook rijden in een tot in het kleinste detail perfecte Triumph 2000 Roadster. Hoe dat aanvoelt? U leest het in het februarinummer. Mocht u ooit van plan zijn een Opel Senator aan te schaffen, dan is het goed dat u dit nummer in huis heeft, want Aart van der Haagen doet uitgebreid uit de doeken, waar u dan rekening mee moet houden. Het een en ander aan aankooptips vindt u ook bij het artikel over de Citroën Dyane. Een auto die we troffen met zijn eigenaar op een terras tijdens een werkoverleg.

En verder:

De restauratie van een Nimbus Model C en een Norton M50. Waarom er zo weinig Opels over zijn? Dat leest u ook in dit nummer. De liefhebberij van een in Spanje wonende Nederlander, die ook geldt als dé specialist voor de Fiat 130. En ook in dit nummer; bijna dertig pagina’s korte berichten, verslagen, praktische tips, columns en korte typebeschrijvingen. Bovendien natuurlijk ook meer dan veertig pagina’s met klassiekers te koop, die soms online niet verder aangeboden worden.
ABONNEER NU EN MIS HET VOLGENDE NUMMER NIET MEER

Leave a Reply

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *