Bijzonder

De DAF sport Coupé. Waarom de mooiste auto uit Eindhoven nooit in productie ging

By  | 

Het DAF Museum in Eindhoven geeft een mooi beeld van de complete historie van het Nederlandse merk. Van Smidse tot aanhangers, van trucks tot bussen, van productiepersonenwagens tot aan auto’s die nooit dat stadium haalden. In die laatste categorie troffen wij in de Lichtstad een exemplaar, dat méér dan bekoorde. Project 400, de DAF sport Coupé (GT). Hij haalde het prototype stadium, maar het grote publiek werd deze prachtige coupé onthouden.

DAF was in het midden van de jaren zestig bezig met een omslag. De oorspronkelijke personenwagens van DAF- u weet het- hadden vanwege verkeerde marketingkeuzes te lijden onder een mager imago. Inmiddels had men in Eindhoven werk gemaakt van de wedstrijdsport, waarbinnen Eindhoven niet onverdienstelijk presteerde. En: DAF had Michelotti ingehuurd om te werken aan een upgrade van de styling van de modellen en aan het ontwerp van een nieuwe modelgeneratie. De DAF 31 (1963) en de aankomende DAF 44 waren de concrete productievruchten van dat werk. Maar Michelotti kon meer, véél meer. Zoals het een goed Italiaans ontwerper betaamde.

 

Op instigatie van Michelotti

DAF dacht na over een sportief vormgegeven wagentje, dat zou aansluiten bij de trend die voorzag in behoefte aan kleinere, sportieve coupés. Michelotti- zoals gezegd druk bezig voor DAF- stelde in Turijn voor om een coupé te ontwerpen. Martien van Doorn raakte overtuigd, en gaf namens de Eindhovense fabrikant de opdracht aan Michelotti om de DAF sport Coupé te ontwerpen. De eerste schaalmodellen waren binnen een jaar gereed, en DAF wikte en woog de kansen, om met de coupé een belangrijke rol in het kleine sportwagensegment te gaan spelen.

Geen risico

Het 1 op 1 model werd ook gemaakt. Toen het klaar was, werd de voorbode van de straatversie in een sprekende oranje kleur gepresenteerd. De motor ontbrak nog. Later zou blijken dat de 844 cc motor- voorbestemd voor de DAF 44- ook bedoeld was voor Project P400: de DAF sport Coupé (GT). Die zou nooit het productiestadium halen. DAF wilde graag de concurrentiestrijd aan met MG, Triumph en de kleinere sportieve Italianen. Daarom moest de zaak betaalbaar blijven, en dus moest er volume gegenereerd worden. DAF was niet overtuigd van het succes en blies het project af. Bovendien had het al investeringen lopen in de Formule 3, en het oer-Hollandse adagium zuinigheid met vlijt won het van de durf om een zinnenprikkelend coupémodel in de markt te zetten. Een markt die voor DAF simpelweg toch niet groot genoeg was om succes te verzekeren. Bovendien, zo stellen de historici, zou dit nieuwe modelletje het productieproces van de bestaande modellen verstoren.


Eén exemplaar

Het bleef bij het prototype uit 1965, een voor die tijd uiterst modern geconstrueerd wagentje. Wie de auto van dichtbij heeft gezien weet, dat er wel degelijk potentie was. De styling van deze coupé is simpelweg prachtig. Het lijnenspel bekoort meer dan. De opvallende luchtroosters aan de zijkant passen erbij, ze getuigen van durf. Het interieur heeft lekker meubilair en een instrumentencluster met sportieve ronde klokken, die schuil gaan achter een fijn houten sportstuur met drie spaken. En natuurlijk: hier had de Variomatic het onderscheidende vermogen kunnen zijn in de kleine, maar opkomende markt van bekorende sportwagentjes.

Project te riskant voor DAF

Het mocht niet zo zijn. Waar de Italiaanse carrosseriehuizen bijvoorbeeld duizend en één creaties bouwden op basis van modellen van het grote en rijke Fiat, daar maakte DAF een pas op de plaats. Het koos niet voor het risico van een kleine en dure oplage. In plaats daarvan prevaleerde de Nederlandse fabrikant continuïteit voor de personenwagendivisie. En die werd geborgd door succesvolle rallydeelnames en de viercilinder DAF personenwagens, zaken die het imago alsnog naar een hoger niveau tilden. Bovendien kwam er- drie jaar na het nee tegen de sport Coupé- toch een sportief vormgegeven DAF. Dat was de 55 Coupé, die in 1972 werd opgevolgd door de 66 met dezelfde carrosserievariant. Ook dat was een aardig sportmodel. Maar van de allermooiste coupé is er maar één. En die staat in het DAF Museum in Eindhoven. Het is de sport Coupé (GT) die we vandaag de dag graag op klassiekerevenementen hadden willen zien. Het mocht niet zo zijn.

suggestiebanner

Ook leuk om te lezen…

Nu in de winkel

Auto Motor Klassiek van februari ligt nu in de winkel met deze maand een uitgebreid artikel over de Taunus 12M P4 van Fokke Jansma uit Wijnjewoude. Een opmerkelijk goed geconserveerde klassieker, die een bijzondere ontwerpgeschiedenis heeft. We mochten ook rijden in een tot in het kleinste detail perfecte Triumph 2000 Roadster. Hoe dat aanvoelt? U leest het in het februarinummer. Mocht u ooit van plan zijn een Opel Senator aan te schaffen, dan is het goed dat u dit nummer in huis heeft, want Aart van der Haagen doet uitgebreid uit de doeken, waar u dan rekening mee moet houden. Het een en ander aan aankooptips vindt u ook bij het artikel over de Citroën Dyane. Een auto die we troffen met zijn eigenaar op een terras tijdens een werkoverleg.

En verder:

De restauratie van een Nimbus Model C en een Norton M50. Waarom er zo weinig Opels over zijn? Dat leest u ook in dit nummer. De liefhebberij van een in Spanje wonende Nederlander, die ook geldt als dé specialist voor de Fiat 130. En ook in dit nummer; bijna dertig pagina’s korte berichten, verslagen, praktische tips, columns en korte typebeschrijvingen. Bovendien natuurlijk ook meer dan veertig pagina’s met klassiekers te koop, die soms online niet verder aangeboden worden.
ABONNEER NU EN MIS HET VOLGENDE NUMMER NIET MEER

1 Comment

  1. Mr. Inocente.H. Farro

    22 november, 2019 at 21:30

    Hallo, hebben ze deze mooie auto met de bj van 1965 DAF sport Coupe'(GT) nog te krijgen of te kunnen kopen in NEDERLAND (HOLLAND),asteblief.Ik wacht op reactie of het mogelijk is.

Leave a Reply

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *