in

Chrysler Simca 2 litres. Wat was ook alweer de bedoeling?

Een luxe Chrysler Simca middenklasser met MPS
En die meervoudige persoonlijkheidsstoornis was misschien ook niet zo vreemd. Want behalve het feit dat deze grote middenklasser als Chrysler, Simca én Talbot te boek had gestaan, was ook zijn ontstaansgeschiedenis op zijn zachtst gezegd nogal onoverzichtelijk. La pauvre enfant was en bleef een bastaard.



Frans. Nee, toch Brits
Eind jaren zestig waren zowel de Rootes Group in de UK als het Franse Simca bezig met het ontwikkelen van een model in de hogere middenklasse. De Routes Group sleutelde gestadig en stoïcijns aan hun C-Car, de joyeuse Fransen leefden zich uit op Project 929. Dat klonk nogal geheimzinnig, maar was niets meer dan de ontwikkeling van de opvolger van Simca’s grote model, de eerdere Vedette, en een aanvulling op de al lopende 1501. Dat was tot dat moment Simca’s topmodel, maar moederconcern Chrysler wilde meer. En groter. Downsizing was nog ver weg.


Hinken op twee gedachten
Het idee om beide modellen tegelijk op de markt te brengen liet Chrysler Europe uiteindelijk los. Verstandig. Een plek bovenin de verkoopstatistieken was toch al niet hun natuurlijke habitat, dat zagen ze zelf ook wel in. Wellicht ook nog ingefluisterd door de Britse tak, met enige zelfspot. Er moest dus een keuze gemaakt worden. Die viel op het ontwerp van de Britse Roots Group, dat werd omgedoopt in Chrysler UK, en het concept werd overgedragen aan Simca, dat nu verder ging als Chrysler France. Zo werden in 1970 de Chrysler 160 en 180 geïntroduceerd, door het aldus ontstane Chrysler Europe. Met duidelijk Amerikaanse styling invloeden, om de verwarring over de nieuwkomer nog wat groter te maken. Want wat was de bedoeling?


Best of both worlds
Dat was de bedoeling. Het idee was niet onaardig: een Europees rijdende auto met een Amerikaanse uiterlijk. De praktijk bleek weerbarstiger. Liefhebbers van Amerikaanse styling kochten …… een Amerikaan. Die gingen vrijwel nooit voor een compromis. Aanhangers van de European way of driving net zo min. Die kochten Europees. Het was dus ook geen donderslag bij heldere hemel dat deze multi-culti Chrysler geen klapper werd in de verkoopstatistieken. Hij kwam slecht uit de startblokken en ook latere aanpassingen en opwaarderingen naar Chrysler Simca 1609/1610, Talbot 1610/180/2 litres of Talbot Simca 2 litres betekenden geen platgelopen deuren bij de desbetreffende dealers. Die waren sowieso al te druk met het vrijwel doorlopend aanpassen van de gevelreclame.


Onbekend, onbemind. Behalve in Spanje
De best verkopende markt voor deze aardige bastaard was waarschijnlijk nog de Spaanse. Er werden in de door bleke bejaarden overspoelde mediterrane oase nog relatief veel van deze top Chrysler verkocht. En die meervoudige persoonlijkheidsstoornis was misschien ook niet zo vreemd. verkocht, zelfs in een dieselversie. Dat had natuurlijk vooral te maken met het feit dat Chrysler de productie van het onsuccesvolle model had verplaatst van het Franse Poissy naar het Spaanse Barreiros. Het waren niet de spreekwoordelijke zoete broodjes, maar mede door genoemde dieselversie en plaatselijk gefabriceerde stationwagen varianten gingen er toch nog best een redelijk aantal over de toonbank.


Een stille dood
In de rest van Europa bleef het kwakkelen met Chrysler Simca’s topper. Het bleef een tobber. Alle plannen ten spijt, want in de conceptfase was er zelfs een dikke zescilinder versie voorzien. Maar hij kwam nooit lekker op gang, men wist niet wat men ermee aan moest. Comfortabel was hij zeker, maar ook weer niet Amerikaans comfortabel. Zijn rijeigenschappen waren oké, maar ook weer niet echt op Europees topniveau. Hij blonk nergens echt in uit, het was vlees noch vis. In 1981 stopte uiteindelijk de Europese productie, voor de Spaanse thuismarkt werd hij nog een jaartje langer geproduceerd tot in 1982 de laatste van de band rolde en nog steeds niemand precies wist wat er bedoeld werd met deze uiterst sympathieke schizofreen.


Help ons mee deze website en de aangeboden artikelen gratis te houden. Abonneer uzelf op Auto Motor Klassiek en ontvang daarbij ook het blad 12x per jaar in de bus. Of doneer een gewenst bedrag op onze betaalpagina via deze link. We zijn u er zeker dankbaar voor.


Beste Klassiekerliefhebber

Geniet van dagelijks gratis verhalen over oldtimers in uw email en schrijf gratis in. 


10 Reacties

Geef een reactie
  1. Mijn vader heeft er drie gehad: 10-94-VP, 01-BK-24 en 19-ER-13. Hij maakte veel KM en reed op LPG: de laatste ging bij 260.000km op mij over. Ben er mee naar Griekenland geweest. Automaat. Geweldige auto’s.

  2. een magnifieke wagen en geen optie voor automaat maar moest dan een 2000 cc zijn
    nochtans was ik eens bijna verongelukt ermee er zat immers een enkelvoudig remsysteem ingebouwd een flexibel sprong kapot en een geluk kon nog remmen met handrem .

  3. Een van de lekkerste auto’s die ik ooit heb gehad. Mijn vader, die er drie heeft versleten, vond het ook een fantastische auto. Weggedaan bij 260.00km, op LPG, 80 liter.

  4. Bij een vriendje van me reden ze thuis altijd Simca en zo kwam er op gegeven moment ook zo’n Chrysler op de oprit te staan. Mooie auto en aangezien ik destijds opkeek tegen alles wat Amerikaans was zeer indrukwekkend. Of ze blije herinneringen aan deze auto hebben weet ik niet.

  5. Mooi artikel was mijn eerste auto een 2 liter automaat en ik zou hem zo weer willen kopen een erg fijne auto met dat luxe velour bekleding, maar er zijn er niet zoveel meer.

    • M’n vader had ooit een goudkleurige met zwart vinyl dak en schuifdak ! WoW : wat een auto was dat ! Het kenteken weet ik nog 12-62 RA : is in 1974 ingeruild voor een nieuwe VW Golf , als 9 jarige autogek , heb ik dat nooit begrepen ….

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

The maximum upload file size: 8 MB. You can upload: image. Links to YouTube, Facebook, Twitter and other services inserted in the comment text will be automatically embedded.

Hoewel Toyota het van de stabiele massa moet hebben, doet het bedrijf soms iets onverwachts speels. De middenmotor sportwagen MR2 is zo´n verantwoorde uitspatting. Het leven van de MR2 begon in 1976 toen Toyota een ontwerpproject startte met als doel de productie van een wagen die leuk was om mee te rijden, maar toch een beschaafd brandstofverbruik had. Aanvankelijk was het doel niet eens om een echte sportwagen te maken.Maar dat is de MR2 in de meest zuivere zin toch geworden.De MR2 is een feestbeest voor elke stuurman en technisch is hij hoogst betrouwbaar. Maar er zijn wel wat aandachtspunten De Toyota MR2 De Toyota MR2 is een tweepersoons, motor in het midden liggend, achterwiel aangedreven sportwagen ontwikkeld door Toyota en is gebouwd tussen 1984-1989. In het Frans klinkt de naam MR2 als est merdeux. Vanwege de associatie met het woord "merde" (´stront´) werd de auto daar enkel verkocht onder de naam MR. In het Engels wordt de MR2 vaak "Mister Two" genoemd. Het is een publiekelijke misvatting dat de MR2 door Lotus werd ontwikkeld en door Toyota werd gebouwd en verkocht. De MR2 was ontwikkeld door Toyota waarbij Lotus-ingenieur Roger Becker betrokken werd voor de ophanging en wegligging. Door zijn midden/achter motor en kleine afmetingen, wordt de MR2 vaak vergeleken met meer exotische sportwagens. Serieus aankoopadvies in het februarinummer van AMK Want het aanbod is kwantitatief indrukwekkend. Kwalitatief zijn er echter zo links en rechts wel wat dingen te noemen die de eigenaar na aanschaf beduidend minder blij kunnen maken. Een groot deel van het aanbod (op Internet) betreft technisch en-of cosmetisch verknoeiden en-of verwaarloosde exemplaren. Wij hebben het over de eerste serie van 1984-1989, de AW10-AW11 reeks. Die MR2’s reden, eigenlijk net zo als de grote exotische sportwagens uit hun tijd. En de gebruikte krachtbron was de eerste in massa geproduceerde vierklepper. Aart van der Haagen zette het hele verhaal voor u op papier.

De Toyota MR2 (1984-1989) is een feestbeest

Het autojaar 1967. Een selectie. Deel 3 (slot)