Artikelen

Acht miljoen keer Audi quattro. Een voortdurende legende.

By  | 

In de nieuwe Audi-fabriek in het Mexicaanse San José Chiapa is de 8 miljoenste Audi quattro van de band gerold. De quattro vierwielaandrijving debuteerde in 1980 en is momenteel standaard of optioneel beschikbaar op meer dan honderd modelvarianten van Audi.

 

Geschiedenis en ontwikkeling

Audi testte in de jaren zeventig regelmatig nieuwe modellen in Scandinavië. In 1977 was dat ook het geval. Als begeleidende auto reed een vierwielaangedreven prototype van de VW Iltis mee, de auto die voorbestemd was om de DKW Munga op te volgen. Toen bleek dat de Iltis zich eenvoudig door de winterse omstandigheden voortbewoog, ontstond bij Audi het idee om de geuzentitel “Vorsprung durch Technik” nieuw leven in te blazen en vierwielaandrijving te ontwikkelen. Audi werkte vervolgens aan een vier wiel aangedreven prototype op basis van de Audi 80, dat het middendifferentieel van de DKW Munga aaangemeten kreeg. Er volgde ook een tweede prototype. En de prestaties van beide proefmodellen met vierwielaandrijving waren zó indrukwekkend, dat besloten werd om het quattro principe productie rijp te maken.

Debuut in Ur-quattro

Het quattro systeem vond als eerste zijn weg in de Ur-quattro. De eerste generatie van het systeem kende al een sperfunctie op de differentieel techniek. In 1983 volgde een upgrade, waarbij het midden- en achter differentieel pneumatisch konden worden vergrendeld. Drie jaar later verving Audi dat door het volledig mechanische Torsen-differentieel (dat de aandrijfkrachten kon verdelen over de assen). En in 2005 volgde een systeem dat werkte met een planetair differentieel.

Ook in autosport succesvol


Binnen de autosport heeft Audi met haar quattro technologie grote successen geboekt. Het merk won onder andere viermaal het Wereldkampioenschap Rally en zes keer de beroemde Pikes Peak heuvelklim. De meest recente triomf vierde Audi in november, toen coureur Mattias Ekström met zijn Audi S1 EKS RX quattro het WK Rallycross won. Feitelijk kan de komst van het quattro systeem worden gezien als belangrijk markeringspunt in de rally historie. Het werd een nieuw ijkpunt op prestatief en technologisch gebied.

quattro vandaag de dag

Audi levert het quattro-systeem in verschillende varianten. Zo monteert “Ingolstadt” bij compacte modellen met dwarsgeplaatste motoren op de achteras een hydraulische, elektronisch gestuurde lamellenkoppeling. En op de Audi R8 met middenmotor zit die koppeling op de vooras. Hij is onderdeel van een actief systeem dat, afhankelijk van de (rij)situatie, de aandrijfkrachten over de assen verdeelt. Audi-modellen met een in lengterichting geplaatste motor voorin hebben een sperdifferentieel met een planetair tandwielstelsel dat de aandrijfkrachten normaal gesproken in de verhouding 40:60 over de voor- en achterwielen verdeelt. Een aantal topmodellen van Audi heeft een sport differentieel op de achteras. En dat verspreidt de aandrijfkrachten actief over de achterwielen via twee elektro hydraulisch bediende lamellenkoppelingen.

Nieuwste ontwikkeling: quattro met ultra-technologie

Nieuw is de combinatie van quattro-aandrijving en ultra-technologie. Het systeem is ontworpen voor modellen met een in lengterichting geplaatste motor en werkt met een lamellenkoppeling achter de versnellingsbak die de aandrijfkrachten actief verdeelt over de voor- en achteras wanneer vierwielaandrijving gewenst is. Onder normale condities koppelt de achteras zich los en worden alleen de voorwielen aangedreven, waarmee een aanzienlijke brandstofbesparing wordt gerealiseerd.

Hoge aantallen door techniek

In 1977 borrelden de eerste ideeën op. En tot op de dag van vandaag wordt Audi’s Allradantrieb doorontwikkeld. Het systeem is een niet weg te denken begrip geworden binnen de automobielindustrie. Het leidde tot 8 miljoen geproduceerde Audi’s met dit unieke systeem.

Alle afbeeldingen komen van Audi AG

 

 

 

suggestiebanner

Ook leuk om te lezen…

Nu in de winkel

Auto Motor Klassiek van februari ligt nu in de winkel met deze maand een uitgebreid artikel over de Taunus 12M P4 van Fokke Jansma uit Wijnjewoude. Een opmerkelijk goed geconserveerde klassieker, die een bijzondere ontwerpgeschiedenis heeft. We mochten ook rijden in een tot in het kleinste detail perfecte Triumph 2000 Roadster. Hoe dat aanvoelt? U leest het in het februarinummer. Mocht u ooit van plan zijn een Opel Senator aan te schaffen, dan is het goed dat u dit nummer in huis heeft, want Aart van der Haagen doet uitgebreid uit de doeken, waar u dan rekening mee moet houden. Het een en ander aan aankooptips vindt u ook bij het artikel over de Citroën Dyane. Een auto die we troffen met zijn eigenaar op een terras tijdens een werkoverleg.

En verder:

De restauratie van een Nimbus Model C en een Norton M50. Waarom er zo weinig Opels over zijn? Dat leest u ook in dit nummer. De liefhebberij van een in Spanje wonende Nederlander, die ook geldt als dé specialist voor de Fiat 130. En ook in dit nummer; bijna dertig pagina’s korte berichten, verslagen, praktische tips, columns en korte typebeschrijvingen. Bovendien natuurlijk ook meer dan veertig pagina’s met klassiekers te koop, die soms online niet verder aangeboden worden.
ABONNEER NU EN MIS HET VOLGENDE NUMMER NIET MEER

Leave a Reply

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *